26.2.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 72/9
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 20 december 2017 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Consiglio di Stato — Italië) — Impresa di Costruzioni Ing. E. Mantovani SpA, Guerrato SpA / Provincia autonoma di Bolzano, Agenzia per i procedimenti e la vigilanza in materia di contratti pubblici di lavori servizi e forniture (ACP), Autorità nazionale anticorruzione (ANAC)
(Zaak C-178/16) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Overheidsopdrachten voor de uitvoering van werken - Richtlijn 2004/18/EG - Artikel 45, leden 2 en 3 - Voorwaarden voor uitsluiting van deelneming aan de overheidsopdracht - Verklaring inzake het ontbreken van onherroepelijke vonnissen houdende veroordeling van de voormalige bestuurders van de inschrijvende vennootschap - Strafbaar gedrag van een voormalige bestuurder - Strafrechtelijke veroordeling - Volledige en daadwerkelijke distantiëring tussen de inschrijvende onderneming en die bestuurder - Bewijs - Beoordeling door de aanbestedende dienst van de eisen betreffende die verplichting))
(2018/C 072/11)
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Consiglio di Stato
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Impresa di Costruzioni Ing. E. Mantovani SpA, Guerrato SpA
Verwerende partijen: Provincia autonoma di Bolzano, Agenzia per i procedimenti e la vigilanza in materia di contratti pubblici di lavori servizi e forniture (ACP), Autorità nazionale anticorruzione (ANAC)
in tegenwoordigheid van: Società Italiana per Condotte d’Acqua SpA, Inso Sistemi per le Infrastrutture Sociali SpA
Dictum
Richtlijn 2004/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten, inzonderheid artikel 45, lid 2, eerste alinea, onder c), d) en g), van die richtlijn, alsook de beginselen van gelijke behandeling en evenredigheid moeten aldus worden uitgelegd dat zij niet in de weg staan nationale voorschriften op grond waarvan de aanbestedende dienst:
—
volgens de door hem vastgestelde voorwaarden een strafrechtelijke veroordeling — ook indien die veroordeling nog niet onherroepelijk is geworden — van de bestuurder van een inschrijvende onderneming voor een strafbaar feit dat indruist tegen de beroepsgedragsregels van die onderneming in de beschouwing kan betrekken, wanneer die bestuurder zijn functies heeft neergelegd in het jaar voorafgaand aan de aankondiging van de overheidsopdracht, en
—
die onderneming van deelneming aan de betrokken aanbestedingsprocedure kan uitsluiten op grond dat zij, door na te laten die nog niet onherroepelijke veroordeling te melden, zich niet volledig en daadwerkelijk van de gedragingen van die bestuurder heeft gedistantieerd.
(1) PB C 232 van 27.6.2016.