28.8.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 283/10
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 6 juli 2017 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesgerichtshof — Duitsland) — Air Berlin plc & Co. Luftverkehrs KG/Bundesverband der Verbraucherzentralen und Verbraucherverbände — Verbraucherzentrale Bundesverband e.V.
(Zaak C-290/16) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Vervoer - Gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Unie - Verordening (EG) nr. 1008/2008 - Tariefbepalingen - Artikel 22, lid 1 - Artikel 23, lid 1 - Informatie die moet worden verstrekt wanneer de tarieven voor het publiek beschikbaar worden gesteld - Verplichting om de daadwerkelijke bedragen van de belastingen, heffingen, toeslagen of vergoedingen te vermelden - Vrijheid van prijszetting - In rekening brengen van administratiekosten in geval van annulering van de boeking van een vlucht door de passagier of niet-verschijnen bij instappen - Bescherming van de consument])
(2017/C 283/13)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bundesgerichtshof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Air Berlin plc & Co. Luftverkehrs KG
Verwerende partij: Bundesverband der Verbraucherzentralen und Verbraucherverbände — Verbraucherzentrale Bundesverband e.V.
Dictum
1)
Artikel 23, lid 1, derde volzin, van verordening (EG) nr. 1008/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 24 september 2008 inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap, dient aldus te worden uitgelegd dat luchtvaartmaatschappijen bij de bekendmaking van hun passagierstarieven de door de klant te betalen bedragen van de in artikel 23, lid 1, derde volzin, onder b), c) en d), van die verordening bedoelde belastingen, luchthavengelden en andere heffingen, toeslagen en vergoedingen apart moeten specificeren, en deze dus niet, ook niet gedeeltelijk, mogen verwerken in de passagierstarieven bedoeld in artikel 23, lid 1, derde volzin, onder a), van die verordening.
2)
Artikel 22, lid 1, van verordening nr. 1008/2008 dient aldus te worden uitgelegd dat deze bepaling er niet aan in de weg staat dat de toepassing van een nationale regeling die richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten heeft omgezet, kan leiden tot nietigverklaring van een beding in de algemene voorwaarden op grond waarvan de klanten die niet zijn verschenen voor een vlucht of hun reservering hebben geannuleerd, separate forfaitaire administratiekosten in rekening kunnen worden gebracht.
(1) PB C 343 van 19.9.2016.