23.4.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 142/6
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 28 februari 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Lietuvos vyriausiasis administracinis teismas — Litouwen) — Valstybinė mokesčių inspekcija prie Lietuvos Respublikos finansų ministerijos / Nidera BV
(Zaak C-387/16) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Fiscale bepalingen - Belasting over de toegevoegde waarde (btw) - Richtlijn 2006/112/EG - Aftrek van de voorbelasting - Artikel 183 - Teruggaaf van het belastingoverschot - Te late teruggaaf - Bedrag van de krachtens nationaal recht verschuldigde vertragingsrente - Mogelijkheid om dat bedrag te verminderen om redenen die niet kunnen worden toegeschreven aan de belastingplichtige - Toelaatbaarheid - Fiscale neutraliteit - Rechtszekerheid])
(2018/C 142/07)
Procestaal: Litouws
Verwijzende rechter
Lietuvos vyriausiasis administracinis teismas
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Valstybinė mokesčių inspekcija prie Lietuvos Respublikos finansų ministerijos
Verwerende partij: Nidera BV
In tegenwoordigheid van: Vilniaus apskrities valstybinė mokesčių inspekcija
Dictum
Artikel 183 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, gelezen tegen de achtergrond van het beginsel van fiscale neutraliteit, moet aldus worden uitgelegd dat het zich ertegen verzet dat het bedrag van de rente die normaal gesproken krachtens het nationale recht verschuldigd is over een niet binnen de gestelde termijn teruggegeven btw-overschot, wordt verminderd om redenen die samenhangen met omstandigheden die niet kunnen worden toegeschreven aan de belastingplichtige, zoals de hoogte van het bedrag van die rente in verhouding tot het bedrag van het btw-overschot, de duur van de periode waarin de teruggaaf is uitgebleven en de redenen voor dat uitblijven, alsook de daadwerkelijk door de belastingplichtige geleden verliezen.
(1) PB C 343 van 19.9.2016.
Full & Egal Universal Law Academy