1.10.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 352/4
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 7 augustus 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tribunal Supremo — Spanje) — Saras Energía SA / Administración del Estado
(Zaak C-561/16) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Richtlijn 2012/27/EU - Artikel 7, leden 1, 4 en 9 - Artikel 20, leden 4 en 6 - Bevordering van energie-efficiëntie - Verplichtingsregeling voor energie-efficiëntie - Andere beleidsmaatregelen - Nationaal fonds voor energie-efficiëntie - Oprichting van een dergelijk fonds als hoofdmaatregel ter uitvoering van de energie-efficiëntieverplichtingen - Bijdrageverplichting - Aanwijzing van de aan verplichtingen gebonden partijen - Energiedistributeurs en/of detailhandelaars in energie))
(2018/C 352/04)
Procestaal: Spaans
Verwijzende rechter
Tribunal Supremo
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Saras Energía SA
Verwerende partij: Administración del Estado
In tegenwoordigheid van: Endesa SA, Endesa Energía SA, Endesa Energía XXI SLU, Viesgo Infraestructuras Energéticas SL, Hidroeléctrica del Cantábrico SAU, Nexus Energía SA, Nexus Renovables SLU, Engie España SL, Villar Mir Energía SL, Energya VM Gestión de Energía SLU, Estaciones de Servicio de Guipúzcoa SA, Acciona Green Energy Developments SLU, Fortia Energía SL
Dictum
1)
De artikelen 7 en 20 van richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG, moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzetten tegen een nationale regeling die als voornaamste manier om aan de energie-efficiëntieverplichtingen te voldoen, een systeem invoert waarbij jaarlijks een bijdrage in een nationaal fonds voor energie-efficiëntie wordt gestort, op voorwaarde dat die regeling, ten eerste, eenzelfde niveau van besparingen oplevert als de verplichtingsregelingen voor energie-efficiëntie die op grond van artikel 7, lid 1, van die richtlijn kunnen worden ingevoerd en, ten tweede, voldoet aan de vereisten van artikel 7, leden 10 en 11, van die richtlijn, waarbij het aan de verwijzende rechter staat om dit na te gaan.
2)
Artikel 7 van richtlijn 2012/27 moet aldus worden uitgelegd dat het zich niet verzet tegen een nationale regeling zoals die in het hoofdgeding, die slechts aan welbepaalde ondernemingen uit de energiesector energie-efficiëntieverplichtingen oplegt, op voorwaarde dat deze ondernemingen daadwerkelijk op basis van uitdrukkelijk vermelde, objectieve en niet-discriminerende criteria worden aangewezen als aan verplichtingen gebonden partijen, waarbij het aan de verwijzende rechter staat om dit na te gaan.
(1) PB C 22 van 23.1.2017.
Full & Egal Universal Law Academy