8.1.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 5/14
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 9 november 2017 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Cour de cassation — Frankrijk) — Tünkers France, Tünkers Maschinenbau GmbH / Expert France
(Zaak C-641/16) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Insolventieprocedures - Verordening (EG) nr. 1346/2000 - Bevoegde rechter - In het kader van een insolventieprocedure ingediende vordering wegens oneerlijke mededinging - Vordering die door een vennootschap met zetel in een andere lidstaat is ingesteld tegen de cessionaris aan wie een onderdeel van de aan de insolventieprocedure onderworpen vennootschap is overgedragen - Vordering die niets te maken heeft met de insolventieprocedure of vordering die rechtstreeks uit die procedure voortvloeit en daarmee nauw samenhangt))
(2018/C 005/18)
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Cour de cassation
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Tünkers France, Tünkers Maschinenbau GmbH
Verwerende partij: Expert France
Dictum
Artikel 3, lid 1, van verordening (EG) nr. 1346/2000 van de Raad van 29 mei 2000 betreffende insolventieprocedures, dient aldus te worden uitgelegd dat een vordering wegens aansprakelijkheid voor oneerlijke mededinging, waarbij de cessionaris van een bedrijfsonderdeel dat in het kader van een insolventieprocedure is overgenomen, wordt verweten zich ten onrechte te hebben voorgedaan als de exclusieve distributeur van de door de schuldenaar vervaardigde artikelen, niet tot de bevoegdheid behoort van de rechtbank die de insolventieprocedure heeft geopend.
(1) PB C 70 van 6.3.2017.