Zaak C-650/16: Arrest van het Hof (Grote kamer) van 12 juni 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Østre Landsret — Denemarken) — A/S Bevola, Jens W. Trock ApS / Skatteministeriet (Prejudiciële verwijzing — Artikel 49 VWEU — Vennootschapsbelasting — Vrijheid van vestiging — Ingezeten vennootschap — Belastbare winst — Belastingaftrek — Aftrek van het door ingezeten vaste inrichtingen geleden verlies — Machtiging — Aftrek van het door niet-ingezeten vaste inrichtingen geleden verlies — Daarvan uitgesloten — Uitzondering — Facultatief stelsel van internationale gezamenlijke aanslag)
C2762018NL310120180612NL00043131
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 12 juni 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Østre Landsret — Denemarken) — A/S Bevola, Jens W. Trock ApS / Skatteministeriet
(Zaak C-650/16) ( 1 )
„(Prejudiciële verwijzing — Artikel 49 VWEU — Vennootschapsbelasting — Vrijheid van vestiging — Ingezeten vennootschap — Belastbare winst — Belastingaftrek — Aftrek van het door ingezeten vaste inrichtingen geleden verlies — Machtiging — Aftrek van het door niet-ingezeten vaste inrichtingen geleden verlies — Daarvan uitgesloten — Uitzondering — Facultatief stelsel van internationale gezamenlijke aanslag)”2018/C 276/04Procestaal: Deens
Verwijzende rechter
Østre Landsret
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: A/S Bevola, Jens W. Trock ApS
Verwerende partij: Skatteministeriet
Dictum
Artikel 49 VWEU moet in die zin moet worden uitgelegd dat het in de weg staat aan een wettelijke regeling van een lidstaat volgens welke een ingezeten vennootschap die niet voor een stelsel van internationale gezamenlijke aanslag als het in het hoofdgeding aan de orde zijnde stelsel heeft gekozen, het verlies dat een in een andere lidstaat gelegen vaste inrichting heeft geleden, niet van haar belastbare winst kan aftrekken wanneer deze vennootschap, enerzijds, alle mogelijkheden van aftrek van dit verlies heeft uitgeput die haar worden geboden door het recht van de lidstaat waar deze vaste inrichting is gelegen en, anderzijds, van deze vaste inrichting geen inkomsten meer ontvangt, zodat er geen enkele mogelijkheid meer bestaat om dit verlies in die lidstaat te verrekenen, hetgeen de nationale rechterlijke instantie dient na te gaan.
( 1 ) PB C 63 van 27.2.2017.
Full & Egal Universal Law Academy