30.5.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 191/21
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Raad van State (België) op 31 maart 2016 — Sadikou Gnandi/Belgische Staat
(Zaak C-181/16)
(2016/C 191/26)
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Raad van State
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Sadikou Gnandi
Verwerende partij: Belgische Staat
Prejudiciële vraag
Moeten artikel 5 van richtlijn 2008/115/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 over gemeenschappelijke normen en procedures in de lidstaten voor de terugkeer van onderdanen van derde landen die illegaal op hun grondgebied verblijven (1), dat de lidstaten verplicht om het beginsel van non-refoulement te eerbiedigen bij de tenuitvoerlegging van deze richtlijn, alsook het recht op een doeltreffend rechtsmiddel, neergelegd in artikel 13, lid 1, van deze richtlijn en in artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, aldus worden uitgelegd dat zij in de weg staan aan de vaststelling van een terugkeerbesluit, zoals bedoeld in artikel 6 van richtlijn 2008/115/EG, in artikel 52/3, § 1, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, en in artikel 75, § 2, van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, vanaf het moment van afwijzing van de asielaanvraag door de Commissaris-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen en dus vóór de rechtsmiddelen tegen deze beslissing tot afwijzing kunnen worden uitgeput en vóór de asielprocedure definitief kan worden afgesloten?
(1) PB L 348, blz. 98.
Full & Egal Universal Law Academy