12.9.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 335/33
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesverwaltungsgericht (Oostenrijk) op 31 mei 2016 — Corbin Opportunity Fund Lp e.a.
(Zaak C-309/16)
(2016/C 335/44)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bundesverwaltungsgericht
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Corbin Opportunity Fund Lp, Corbin Capital Partners, Redwood Drawdown Master Fund Lp, Redwood Opportunity Master Fund Ltd, Redwood Capital Management LLC, Pontus Holdings Ltd, RMF Financial Holdings Sàrl
Verwerende overheidsinstantie: FMA Österreichische Finanzmarktaufsichtsbehörde
Prejudiciële vragen
1)
Is richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en de verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad (1), met name artikel 1, lid 1, en artikel 2, lid 1, punt 2, ratione temporis en ratione materiae van toepassing op het geval van een afwikkelingsmaatschappij zoals die in het hoofdgeding, wier afwikkeling reeds door nationale mechanismen vóór het verstrijken van de omzettingstermijn van de richtlijn is begonnen en in de periode na het verstrijken van de omzettingstermijn op grond van de nationale bepalingen tot omzetting van de aangehaalde richtlijn verder is doorgezet?
2)
Verleent richtlijn 2014/59 de schuldeisers van een dergelijke afwikkelingsmaatschappij die de afwikkelingsautoriteit hebben verzocht om de afsluiting van bepaalde door de afwikkelingsmaatschappij beoogde of reeds gesloten transacties (bijvoorbeeld een gerechtelijke schikking) met andere schuldeisers te „toetsen en te verbieden”, rechten ter bescherming waarvan een bestuurlijke en gerechtelijke procedure kan worden gevoerd?
(1) PB L 173, blz. 190.