16.8.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 296/22
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tribunal de grande instance de Lille (Frankrijk)op 6 juni 2016 — Strafzaak tegen Uber France SAS
(Zaak C-320/16)
(2016/C 296/29)
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Tribunal de grande instance de Lille
Partij in de strafzaak
Uber France SAS
Prejudiciële vraag
Houdt artikel L3124-13 van de Code des transports, ingelast bij wet nr. 2014-1104 van 1 oktober 2014 betreffende het taxibedrijf en auto’s met chauffeur, een nieuw niet-impliciet technisch voorschrift in dat betrekking heeft op een of meer diensten van de informatiemaatschappij in de zin van richtlijn 98/34/EG van 22 juni 1998 (1), zodat krachtens artikel 8 van de richtlijn voorafgaande kennisgeving ervan aan de Europese Commissie verplicht was, of valt deze bepaling onder richtlijn 2006/123/EG van 12 december 2006 betreffende diensten (2), die krachtens artikel 2, lid 2, onder d), niet van toepassing is op vervoer?
Ingeval het eerste onderdeel van de vraag bevestigend wordt beantwoord, brengt dan de niet-inachtneming van de in artikel 8 van de richtlijn bedoelde kennisgevingsverplichting met zich dat artikel L3124-13 van de Code des transports niet aan justitiabelen kan worden tegengeworpen?
(1) Richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften (PB L 204, blz. 37).
(2) Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt (PB L 376, blz. 36).