26.9.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 350/19
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Supreme Court of the United Kingdom (Verenigd Koninkrijk) op 1 augustus 2016 — Secretary of State for the Home Department/Franco Vomero
(Zaak C-424/16)
(2016/C 350/24)
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
Supreme Court of the United Kingdom
Partijen in het hoofdgeding
Appellant: Secretary of State for the Home Department
Geïntimeerde: Franco Vomero
Prejudiciële vragen
1)
Is verhoogde bescherming krachtens artikel 28, lid 3, onder a), [van richtlijn 2004/38/EG] (1) afhankelijk van het bezit van een duurzaam verblijfsrecht als bedoeld in artikel 16 en artikel 28, lid 2?
Als het antwoord op vraag 1 ontkennend is, worden de navolgende vragen eveneens voorgelegd:
2)
Is de verblijfsduur van de laatste tien jaar, als bedoeld in 28, lid 3, onder a),
a)
een gewone kalenderperiode, waarbij wordt teruggeteld vanaf de desbetreffende datum (in dit geval de datum van het bevel tot uitzetting), waaronder alle perioden van afwezigheid of gevangenschap zijn inbegrepen;
b)
een mogelijk onderbroken periode, waarbij wordt teruggeteld vanaf de desbetreffende datum en de perioden die de betrokkene niet afwezig of gevangen was, bij elkaar worden opgeteld om aldus, indien mogelijk, tot een totaal van tien jaar verblijf te komen?
3)
Wat is het daadwerkelijke verband tussen het vereiste van een verblijf van tien jaar als bedoeld in artikel 28, lid 3, onder a), en de algehele beoordeling van een band van integratie?
(1) Richtlijn 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden (PB 2004, L 158, blz. 77).