8.5.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 144/17
Hogere voorziening ingesteld op 29 december 2016 door Monster Energy Company tegen het arrest van het Gerecht (Negende kamer) van 20 oktober 2016 in zaak T-407/15, Monster Energy Company/Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie
(Zaak C-678/16 P)
(2017/C 144/22)
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirante: Monster Energy Company (vertegenwoordiger: P. Brownlow, Solicitor)
Andere partij in de procedure: Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie
Conclusies
—
nietigverklaring van het arrest van het Gerecht van 20 oktober 2016 in zaak T-407/15;
—
nietigverklaring van de beslissing van de kamer van beroep van 4 mei 2015 in zaak R1028/2014-5;
—
nietigverklaring van de beslissing van de oppositieafdeling van 21 februari 2014 in oppositieprocedure nr. 2 178567
—
afwijzing van het merk waartegen oppositie is ingesteld voor alle waren van de klassen 29, 30 en 33
—
verwijzing van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie in zijn eigen kosten en in die van verzoekster.
Middelen en voornaamste argumenten
Het Gerecht heeft artikel 8, lid 1, onder b, van verordening nr. 207/2009 (1) onjuist toegepast bij zijn opvatting van de wijze waarop een samengesteld merk moet worden beoordeeld en van de vraag welk belang moet worden gehecht aan de dominante en/of de onderscheidende bestanddelen van een dergelijk merk. Indien het Gerecht een en ander juist had benaderd, zou het tot de slotsom zijn gekomen dat er gevaar voor verwarring bestond tussen het merk waartegen oppositie was ingesteld en het oudere merk.
Het Gerecht heeft ook artikel 8, lid 5, van verordening nr. 207/2009 onjuist toegepast bij zijn opvatting van de wijze waarop een samengesteld merk moet worden beoordeeld en van de vraag welk belang moet worden gehecht aan de dominante en/of de onderscheidende bestanddelen van een dergelijk merk.
(1) Verordening (EG) nr. 207/2009 van de Raad van 26 februari 2009 inzake het gemeenschapsmerk (PB 2009, L 78, blz. 1).