25.4.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 145/31
Beroep ingesteld op 17 februari 2016 — POA/Commissie
(Zaak T-74/16)
(2016/C 145/38)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Pagkyprios organismos ageladotrofon (POA) Dimosia Ltd (Latsia, Cyprus) (vertegenwoordiger: N. Korogiannakis, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
nietigverklaring van besluit Ares(2015)5632670 van het secretariaat-generaal van 7 december 2015 tot afwijzing van het confirmatieve verzoek dat verzoekster bij brief van 15 september 2015 heeft ingediend, waarmee verzoekster, op grond van verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145, blz. 43), heeft verzocht om toegang tot documenten inzake de aanvraag van een Cypriotische producentenorganisatie voor de registratie van de benaming „Halloumi” op grond van verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 343, blz. 1), en
—
verwijzing van de Commissie in de kosten van verzoekster.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster vier middelen aan.
1.
Eerste middel, inhoudend dat de Commissie in het kader van haar beroep op artikel 4, lid 3, eerste alinea, van verordening nr. 1049/2001 niet naar behoren heeft gemotiveerd op welke wijze openbaarmaking van de niet openbaar gemaakte delen het besluitvormingsproces ernstig zou kunnen ondermijnen.
2.
Tweede middel, ontleend aan onjuiste toepassing van het recht aangezien de door de Republiek Cyprus aangedragen argumenten voor weigering van de openbaarmaking op grond van artikel 4, lid 2, tweede streepje, van verordening nr. 1049/2001, ontoereikend zijn.
3.
Derde middel, ontleend aan schending van het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en het transparantiebeginsel aangezien de weigering van de Republiek Cyprus om enkele van de betrokken documenten openbaar te maken met zich brengt dat verzoekster niet in staat is om de inhoud van elk van de niet openbaar gemaakte documenten te begrijpen.
4.
Vierde middel, ontleend aan onjuiste toepassing van het recht aangezien een lidstaat artikel 4, lid 3, eerste alinea, van verordening nr. 1049/2001 niet kan gebruiken om de openbaarmaking van documenten te weigeren indien het besluit dat zou kunnen worden ondermijnd het besluit is van een instelling van de Europese Unie.
Full & Egal Universal Law Academy