18.7.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 260/42
Beroep ingesteld op 11 mei 2016 – C & J Clark International/Commissie
(Zaak T-230/16)
(2016/C 260/53)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: C & J Clark International Ltd (Somerset, Verenigd Koninkrijk) (vertegenwoordigers: A. Willems, S. De Knop en J. Charles, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
het beroep ontvankelijk verklaren;
—
uitvoeringsverordening (EU) 2016/223 van de Commissie van 17 februari 2016 tot vaststelling van een procedure voor de beoordeling van bepaalde verzoeken om behandeling als marktgerichte onderneming en verzoeken om individuele behandeling van producenten-exporteurs uit China en Vietnam en tot uitvoering van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie in de gevoegde zaken C-659/13 en C-34/14 nietig verklaren;
—
de Europese Commissie verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster vier middelen aan.
1.
Eerste middel: de Europese Commissie heeft het in artikel 5, leden 1 en 2, VEU neergelegde beginsel van bevoegdheidstoedeling geschonden door een onjuiste rechtsgrondslag te kiezen.
2.
Tweede middel: de Europese Commissie heeft artikel 266 VWEU geschonden door niet de nodige maatregelen vast te stellen ter uitvoering van het arrest van het Hof van Justitie in de zaak C & J Clark International, C-659/13 en C-34/14, EU:C:2016:74.
3.
Derde middel: de Europese Commissie heeft artikel 5, leden 1 en 4, VEU geschonden door een handeling vast te stellen die verder gaat dan noodzakelijk is om het nagestreefde doel te verwezenlijken.
4.
Vierde middel: de Europese Commissie heeft haar bevoegdheden misbruikt door haar bevoegdheden te gebruiken met een ander doel dan dat waarvoor zij zijn verleend.