24.10.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 392/44
Beroep ingesteld op 22 augustus 2016 — Portugal/Commissie
(Zaak T-463/16)
(2016/C 392/58)
Procestaal: Portugees
Partijen
Verzoekende partij: Portugese Republiek (vertegenwoordigers: L. Inez Fernandes, M. Figueiredo, P. Estêvão en J. Saraiva de Almeida, gemachtigden)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
nietig te verklaren besluit C (2016) 3753 van de Commissie van 20 juni 2016 houdende onttrekking aan EU-financiering van bepaalde uitgaven die de lidstaten hebben verricht in het kader van het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) of in het kader van het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo), voor zover daarbij aan financiering door de Europese Unie wordt onttrokken het bedrag van 8 984 891,60 EUR betreffende de door Portugal in het kader van de randvoorwaarden gedeclareerde uitgaven, voor de boekjaren 2011, 2012 en 2013;
—
de Europese Commissie in de kosten te verwijzen.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij zes middelen aan.
1.
Eerste middel, ontleend aan een gebrekkige grondslag en aan schending van artikel 11 van verordening (EG) nr. 885/2006 van de Commissie van 21 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van verordening (EG) nr. 1290/2005 van de Raad met betrekking tot de erkenning van de betaalorganen en andere instanties en de goedkeuring van de rekeningen inzake het ELGF en het ELFPO (PB 2006, L 171, blz. 90).
2.
Tweede middel, ontleend aan schending van artikel 24 van verordening (EG) nr. 73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG) nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG) nr. 1782/2003 (PB 2009, L 30, blz. 16), en van de artikelen 54, lid 1, tweede alinea, onder c), tweede alinea, en 71 van verordening (EG) nr. 1122/2009 van de Commissie van 30 november 2009 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van verordening (EG) nr. 73/2009 van de Raad wat betreft de randvoorwaarden, de modulatie en het geïntegreerd beheers- en controlesysteem in het kader van de bij die verordening ingestelde regelingen inzake rechtstreekse steunverlening aan landbouwers en ter uitvoering van verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad wat betreft de randvoorwaarden in het kader van de steunregeling voor de wijnsector (PB 2009, L 316, blz. 65).
3.
Derde middel, ontleend aan schending van de artikelen 26 en 53 van verordening nr. 1122/2009.
4.
Vierde middel, ontleend aan een gebrekkige grondslag.
5.
Vijfde middel, ontleend aan schending van het ne bis in idem-beginsel.
6.
Zesde middel, ontleend aan schending van het evenredigheidsbeginsel en van artikel 31 van verordening (EG) nr. 1290/2005 van de Raad van 21 juni 2005 betreffende de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (PB 2005, L 209, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy