Zaak C-57/17: Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 28 juni 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Tribunal Superior de Justicia de la Comunidad Valenciana — Spanje) — Eva Soraya Checa Honrado / Fondo de Garantía Salarial (Prejudiciële verwijzing — Sociale politiek — Bescherming van werknemers bij insolventie van de werkgever — Richtlijn 2008/94/EG — Artikel 3, eerste alinea — Door het waarborgfonds gegarandeerde betaling — Vergoeding wegens beëindiging van de arbeidsverhouding — Overplaatsing van de werkplek die noopt tot een wijziging van de woonplaats van de werknemer — Wijziging van een wezenlijk element van de arbeidsovereenkomst — Beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer — Beginsel van gelijkheid en non-discriminatie)
C2942018NL810120180628NL00108181
Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 28 juni 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Tribunal Superior de Justicia de la Comunidad Valenciana — Spanje) — Eva Soraya Checa Honrado / Fondo de Garantía Salarial
(Zaak C-57/17) ( 1 )
„(Prejudiciële verwijzing — Sociale politiek — Bescherming van werknemers bij insolventie van de werkgever — Richtlijn 2008/94/EG — Artikel 3, eerste alinea — Door het waarborgfonds gegarandeerde betaling — Vergoeding wegens beëindiging van de arbeidsverhouding — Overplaatsing van de werkplek die noopt tot een wijziging van de woonplaats van de werknemer — Wijziging van een wezenlijk element van de arbeidsovereenkomst — Beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer — Beginsel van gelijkheid en non-discriminatie)”2018/C 294/10Procestaal: Spaans
Verwijzende rechter
Tribunal Superior de Justicia de la Comunidad Valenciana
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Eva Soraya Checa Honrado
Verwerende partij: Fondo de Garantía Salarial
Dictum
Artikel 3, eerste alinea, van richtlijn 2008/94/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 betreffende de bescherming van de werknemers bij insolventie van de werkgever moet aldus worden uitgelegd dat wanneer volgens de nationale regeling in kwestie bepaalde wettelijke vergoedingen wegens vrijwillige beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer — zoals de door de verwijzende rechter bedoelde vergoedingen die verschuldigd zijn in geval van ontslag om objectieve redenen — onder het begrip „vergoeding wegens beëindiging van de arbeidsverhouding” in de zin van die bepaling vallen, ook wettelijke vergoedingen onder dit begrip moeten vallen die verschuldigd zijn omdat de werknemer de arbeidsovereenkomst vrijwillig heeft beëindigd wegens een overplaatsing van de werkplek door de werkgever die de werknemer ertoe noopt van woonplaats te veranderen.
( 1 ) PB C 121 van 18.4.2017.
Full & Egal Universal Law Academy