25.3.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 112/4
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 31 januari 2019 — Islamic Republic of Iran Shipping Lines e.a./Raad van de Europese Unie, Europese Commissie
(Zaak C-225/17 P) (1)
((Hogere voorziening - Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid - Beperkende maatregelen ten aanzien van de Islamitische Republiek Iran - Bevriezing van tegoeden en financiële middelen - Nietigverklaring door het Gerecht van de Europese Unie van een plaatsing op een lijst - Wijziging van de criteria voor plaatsing op een lijst van personen en entiteiten waarvan de tegoeden worden bevroren - Nieuwe plaatsing - Bewijsmiddelen die dateren van vóór de eerste plaatsing - Feiten die bekend waren vóór de eerste plaatsing - Gezag van gewijsde - Omvang - Rechtszekerheid - Bescherming van het gewettigd vertrouwen - Ne-bis-in-idembeginsel - Effectieve rechterlijke bescherming))
(2019/C 112/05)
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirantes: Islamic Republic of Iran Shipping Lines, Hafize Darya Shipping Lines (HDSL), Khazar Sea Shipping Lines Co., IRISL Europe GmbH, Qeshm Marine Services and Engineering Co., Irano Misr Shipping Co., Safiran Payam Darya Shipping Lines, Marine Information Technology Development Co, Rahbaran Omid Darya Ship Management Co., Hoopad Darya Shipping Agency, Valfajr 8th Shipping Line Co. (vertegenwoordigers: M. Lester, QC, M. Taher, solicitor)
Andere partijen in de procedure: Raad van de Europese Unie (vertegenwoordigers: J. Kneale en M. Bishop, gemachtigden), Europese Commissie (vertegenwoordigers: D. Gauci en T. Scharf, gemachtigden)
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Islamic Republic of Iran Shipping Lines, Hafize Darya Shipping Lines (HDSL), Khazar Shipping Lines, IRISL Europe GmbH, Qeshm Marine Services & Engineering Co., Irano Misr Shipping Co., Safiran Payam Darya Shipping Lines, Marine Information Technology Development Co., Rahbaran Omid Darya Ship Management Co., Hoopad Darya Shipping Agency en Valfajr 8th Shipping Line Co. worden verwezen in hun eigen kosten en in die van de Raad van de Europese Unie.
3)
De Europese Commissie draagt haar eigen kosten.
(1) PB C 231 van 17.7.2017.
Full & Egal Universal Law Academy