1.10.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 352/14
Arrest van het Hof (Achtste kamer) van 7 augustus 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesgerichtshof — Duitsland) — Verbraucherzentrale Berlin eV/Unimatic Vertriebs GmbH
(Zaak C-485/17) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Consumentenbescherming - Richtlijn 2011/83/EU - Artikel 2, punt 9 - Begrip verkoopruimten - Criteria - Verkoopovereenkomst gesloten op de stand van een handelaar tijdens een beurs))
(2018/C 352/18)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bundesgerichtshof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Verbraucherzentrale Berlin eV
Verwerende partij: Unimatic Vertriebs GmbH
Dictum
Artikel 2, punt 9, van richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende consumentenrechten, tot wijziging van richtlijn 93/13/EEG van de Raad en van richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van richtlijn 85/577/EEG en van richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad, moet aldus worden uitgelegd dat een stand van een handelaar op een beurs, als aan de orde in het hoofdgeding, waarop deze gedurende enkele dagen per jaar zijn activiteiten uitvoert, moet worden opgevat als „verkoopruimten” in de zin van deze bepaling indien een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende consument, in het licht van het geheel aan feitelijke omstandigheden van deze activiteiten, en met name van de uiterlijke verschijningsvorm van deze stand en de informatie in de ruimten waar de beurs wordt gehouden, redelijkerwijs kon verwachten dat die handelaar er zijn activiteiten uitvoert en hem aanspreekt om een overeenkomst te sluiten, hetgeen aan de nationale rechter is om na te gaan.
(1) PB C 392 van 20.11.2017.