29.5.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 168/20
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Oberste Gerichtshof (Oostenrijk) op 15 februari 2017 — KP, vertegenwoordigd door de moeder/LO
(Zaak C-83/17)
(2017/C 168/26)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Oberster Gerichtshof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij in „Revision”: KP, vertegenwoordigd door de moeder
Verwerende partij in „Revision”: LO
Prejudiciële vragen
1)
Moet het subsidiariteitsbeginsel van artikel 4, lid 2, van het Protocol van Den Haag van 23 november 2007 inzake het recht dat van toepassing is op onderhoudsverplichtingen aldus worden uitgelegd dat dit beginsel enkel toepassing vindt wanneer de vordering waarmee de procedure inzake onderhoud wordt ingeleid, is ingediend in een andere staat dan die waar de onderhoudsgerechtigde zijn gewone verblijfplaats heeft?
Indien die vraag ontkennend wordt beantwoord:
2)
Moet artikel 4, lid 2, van het Protocol van Den Haag van 23 november 2007 inzake het recht dat van toepassing is op onderhoudsverplichtingen aldus worden uitgelegd dat de zinsnede ‚geen levensonderhoud’ ook ziet op gevallen waarin het recht van de vorige verblijfplaats louter omdat bepaalde wettelijke voorwaarden niet zijn nageleefd geen recht op levensonderhoud met terugwerkende kracht erkent?
Full & Egal Universal Law Academy