17.7.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 231/5
Beroep ingesteld op 5 april 2017 — Europese Commissie/Hongarije
(Zaak C-171/17)
(2017/C 231/07)
Procestaal: Hongaars
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: V. Bottka en H. Tserepa-Lacombe, gemachtigden)
Verwerende partij: Hongarije
Conclusies
De Commissie verzoekt het Hof
—
vast te stellen dat het door Hongarije ingevoerde en gehandhaafde nationale systeem voor mobiele betalingen dat wordt geregeld door wet CC van 2011 en decreet nr. 356/2012 van 13 december 2012 tot uitvoering ervan, dat een monopolie schept door exclusieve rechten toe te kennen aan Nemzeti Mobilfizetési Zrt., de toegang belemmert tot de wholesalemarkt voor mobiele betalingen, die vroeger openstond voor mededinging, en bovendien niet noodzakelijk en onevenredig is, in strijd is met
—
ten eerste, artikel 15, lid 2, onder d), en artikel 16, lid 1, van richtlijn 2006/123/EG (1), en
—
ten tweede, de artikelen 49 en 56 VWEU.
—
Hongarije te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
A nemzeti mobilfizetési rendszerről szóló, 2011. április 1-jei CC. törvény (wet CC van 1 april 2011 betreffende het nationale systeem voor mobiele betalingen; hierna: „wet”) heeft het wettelijke kader voor mobiele betaaldiensten met ingang van 1 april 2013 gewijzigd, zij het dat deze wet slechts bindende rechtsgevolgen heeft vanaf 2 juli 2014. De wet definieert mobieleverkoopsdiensten binnen de volgende gebieden: a) openbare parkingdienst; b) verlening van toegang tot openbare wegen om daarover te rijden; c) vervoer van personen door een staatsonderneming; d) andere door overheidsinstellingen verrichte diensten. Onder de genoemde diensten, is het tot op heden in de praktijk in Hongarije alleen mogelijk om mobiele betalingen voor openbare parkeerdiensten en voor de toegang tot de openbare weg te verrichten (ticket elektronische tolheffing „e-matrica” en „HU-GO”–systeem). De onderhavige procedure heeft echter betrekking op de vier door de wet geregelde gebieden.
Volgens de Commissie voert de commerciële onderneming Nemzeti Mobilfizetési Zrt. op het gebied van openbare parkeerdiensten in wezen dezelfde activiteit uit als de verleners van mobielebetalingsdiensten onder het vorige systeem, met dit verschil dat zij een uitsluitend recht heeft om overeenkomsten te sluiten met de exploitanten van parkeerplaatsen en dat haar tarieven gereguleerd zijn. Hetzelfde geldt voor de verlening van toegang tot de openbare wegen om zich via deze wegen te verplaatsen, omdat Nemzeti Mobilfizetési Zrt. de enige dienstverlener is die een contractuele relatie heeft met de aanbieder van de openbare dienst en die direct de machtiging kan verkopen om de weg te gebruiken. Op deze twee gebieden kunnen de andere aanbieders van mobielebetalings- en mobieletelefoniediensten dus alleen optreden als wederverkopers.
Bijgevolg wordt door de invoering van het nationale systeem voor mobiele betalingen en de toekenning van exclusieve rechten aan Nemzeti Mobilfizetési Zrt. zowel Hongaarse als buitenlandse ondernemingen de toegang belemmerd tot de wholesalemarkt voor mobiele betalingen — en wordt dus andere aanbieders van mobielebetalingsdiensten de toegang belemmerd tot de markt voor diensten die worden aangeboden in het kader van contractuele betrekkingen met de aanbieder van openbare parkeerdiensten of andere openbare diensten –, die voorheen openstond voor mededinging. Volgens de Commissie leveren de regels inzake het nationale systeem voor mobiele betalingen dus, in hun geheel beschouwd, discriminatie op en zijn zij in strijd met de vrijheid van vestiging (schending van artikel 15 van richtlijn 2006/123 en van artikel 49 VWEU). Deze regels zijn tevens in strijd met het vrij verrichten van diensten (schending van artikel 16 van richtlijn 2006/123 en artikel 56 VWEU), aangezien de aan Nemzeti Mobilfizetési Zrt. toegekende exclusieve rechten de verlening van grensoverschrijdende diensten beperken. Met betrekking tot de andere diensten inzake gecentraliseerde mobiele verkopen, waarvoor nog geen mobiele betalingen in Hongarije kunnen worden verricht, verleent de wet dezelfde exclusieve rechten aan Nemzeti Mobilfizetési Zrt. en is de hierboven uiteengezette juridische analyse eveneens van toepassing.
Overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het VWEU en van richtlijn 2006/123, kunnen slechts beperkingen worden gesteld aan de vrijheid van vestiging en het vrij verrichten van diensten wanneer deze beperkingen niet discriminerend zijn, het algemeen belang dienen en bovendien voldoen aan de vereisten van noodzakelijkheid en evenredigheid. Volgens de Commissie kunnen de argumenten die Hongarije heeft aangevoerd, de door de wet ingevoerde beperkingen niet rechtvaardigen, omdat zij niet voldoen aan de vereisten van noodzakelijkheid en evenredigheid.
(1) Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt (PB L 376, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy