14.8.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 269/4
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Kúria (Hongarije) op 24 mei 2017 — Hochtief AG/Budapest Főváros Önkormányzata
(Zaak C-300/17)
(2017/C 269/06)
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Kúria
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Hochtief AG
Verwerende partij: Budapest Főváros Önkormányzata (gemeentebestuur van Boedapest, Hongarije)
Prejudiciële vragen
1)
Verzet het Unierecht zich tegen een procedurele bepaling van een lidstaat die de instelling van een burgerlijke rechtsvordering wegens schending van een regel inzake overheidsopdrachten afhankelijk stelt van de voorwaarde dat de arbitragecommissie inzake overheidsopdrachten of een rechter — bij wie beroep is ingesteld tegen de beslissing van de arbitragecommissie inzake overheidsopdrachten — definitief vaststelt dat die regel is geschonden?
2)
Kan een bepaling van een lidstaat die de instelling van een vordering tot schadevergoeding afhankelijk stelt van de voorwaarde dat de arbitragecommissie inzake overheidsopdrachten of een rechter — bij wie beroep is ingesteld tegen de beslissing van de arbitragecommissie inzake overheidsopdrachten — definitief vaststelt dat de regel is geschonden, overeenkomstig het Unierecht worden vervangen door een andere bepaling? Anders gezegd, kan de gelaedeerde de schending van de regel op een andere wijze aantonen?
3)
Is een procedurele bepaling van een lidstaat in strijd met het Unierecht, in het bijzonder met het doeltreffendheidsbeginsel en het gelijkwaardigheidsbeginsel, of kan zij een met het Unierecht en die beginselen strijdig effect hebben in het kader van een schadevergoedingsprocedure, wanneer op grond van die bepaling tegen een administratieve beslissing alleen in rechte kan worden opgekomen met de middelen die in de procedure voor de arbitragecommissie inzake overheidsopdrachten zijn aangevoerd, ook al kan de gelaedeerde de onwettigheid van zijn uitsluiting wegens een belangenconflict overeenkomstig de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie slechts op zodanige wijze als grond voor de door hem gestelde schending van de regel aanvoeren dat hij, volgens de specifieke regels voor de procedure van gunning via onderhandelingen, om een andere reden — namelijk een wijziging van zijn verzoek tot deelname — van de procedure voor het plaatsen van de overheidsopdracht wordt uitgesloten?
Full & Egal Universal Law Academy