11.9.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 300/17
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Rechtbank Rotterdam (Nederland) op 12 juni 2017– A, B, C, D, E, F, G tegen Staatssecretaris van Economische Zaken
(Zaak C-347/17)
(2017/C 300/20)
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Rechtbank Rotterdam
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekers: A, B, C, D, E, F, G
Verweerder: Staatssecretaris van Economische Zaken
Prejudiciële vragen
1)
Moeten de voorschriften van bijlage III, sectie II, hoofdstuk IV, punt 5 en punt 8, van verordening (EG) nr. 853/2004 (1) van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong […] aldus worden opgevat dat een pluimveekarkas na verwijdering van de ingewanden en het schoonmaken geen enkele zichtbare verontreiniging meer mag bevatten?
2)
Zien de voorschriften van bijlage III, sectie II, hoofdstuk IV, punt 5 en punt 8, van verordening (EG) nr. 853/2004 […] op verontreiniging door zowel feces, gal, als kropinhoud?
3)
Indien de eerste vraag bevestigend wordt beantwoord, moet het voorschrift van bijlage III, sectie II, hoofdstuk IV, punt 8, van verordening (EG) nr. 853/2004 […] dan zo worden uitgelegd dat het schoonmaken direct na verwijdering van de ingewanden moet plaatsvinden of mag op basis van dit voorschrift het verwijderen van zichtbare verontreiniging ook nog tijdens het koelen of uitsnijden of bij het verpakken plaatsvinden?
4)
Staat bijlage I, sectie I, hoofdstuk II, paragraaf D, onder 1, van verordening (EG) nr. 854/2004 (2) van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke voorschriften voor de organisatie van de officiële controles van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong toe dat de bevoegde autoriteit bij de controle karkassen van de slachtlijn haalt, en zowel de buitenzijde als de binnenzijde en onder het vetweefsel controleert op zichtbare verontreiniging?
5)
Indien de eerste vraag ontkennend wordt beantwoord en er dus zichtbare verontreiniging op een pluimveekarkas mag achterblijven, hoe moeten dan de voorschriften van punt 5 en 8 in bijlage III, sectie II, hoofdstuk IV, van verordening (EG) nr. 853/2004 […] worden uitgelegd? Op welke wijze wordt dan het doel van deze verordening, namelijk het waarborgen van een hoog niveau van bescherming van de volksgezondheid, bereikt?
(1) PB 2004, L 139, blz. 55.
(2) PB 2004, L 139, blz. 206.