19.6.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 195/34
Beroep ingesteld op 18 april 2017 — Recylex e.a./Commissie
(Zaak T-222/17)
(2017/C 195/48)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partijen: Recylex SA (Parijs, Frankrijk), Fonderie et Manufacture de Métaux (Anderlecht, België), Harz-Metall GmbH (Goslar, Duitsland) (vertegenwoordigers: M. Wellinger, S. Reinart en K. Bongs, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
de bij besluit C(2017) 900 final van de Europese Commissie van 8 februari 2017 betreffende een procedure op grond van artikel 101 VWEU, aan verzoeksters opgelegde geldboete verlagen;
—
verzoeksters betalingsfaciliteiten toestaan;
—
verweerster verwijzen in de kosten van de procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van hun beroep voeren verzoeksters zes middelen aan.
1.
Eerste middel: de Commissie heeft ten aanzien van verzoeksters ten onrechte geen toepassing gemaakt van punt 26 (laatste lid) van de clementiemededeling (1) wat betreft de duur van de inbreuk.
2.
Tweede middel: de Commissie heeft ten aanzien van verzoeksters ten onrechte geen toepassing gemaakt van punt 26 (laatste lid) van de clementiemededeling wat betreft de inbreuk in Frankrijk.
3.
Derde middel: de Commissie heeft ten onrechte toepassing gemaakt van een specifieke verhoging van 10 % bij de berekening van de geldboete op basis van punt 37 van de boeterichtsnoeren (2).
4.
Vierde middel: de Commissie heeft verzoeksters ten onrechte geen vermindering met 50 % van de boete toegestaan in overeenstemming met het eerste streepje van punt 26 van de clementiemededeling.
5.
Vijfde middel: het bestreden besluit schendt zowel het evenredigheidsbeginsel en het non-discriminatiebeginsel als het beginsel inzake het persoonlijke karakter van de boete.
6.
Zesde middel: het Hof wordt verzocht om gebruik te maken van zijn onbeperkte rechtsmacht om aan verzoeksters betalingsfaciliteiten toe te staan voor welk nog verschuldigd gedeelte van de boete ook.
(1) Mededeling van de Commissie betreffende immuniteit tegen geldboeten en vermindering van geldboeten in kartelzaken (PB 2006, C 298, blz. 17), laatstelijk gewijzigd door de mededeling van de Commissie inzake wijzigingen aan de mededeling van de Commissie betreffende immuniteit tegen geldboeten en vermindering van geldboeten in kartelzaken (PB 2015, C 256, blz. 1).
(2) Richtsnoeren voor de berekening van geldboeten die uit hoofde van artikel 23, lid 2, onder a), van verordening (EG) nr. 1/2003 worden opgelegd (PB 2006, C 210, blz. 2).
Full & Egal Universal Law Academy