30.10.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 369/28
Beroep ingesteld op 11 augustus 2017 — EIB/Syrië
(Zaak T-543/17)
(2017/C 369/39)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Europese Investeringsbank (vertegenwoordigers: P. Chamberlain, T. Gilliams, J. Shirran en F. de Borja Oxangoiti Briones, gemachtigden, D. Arts, advocaat, en T. Cusworth, solicitor)
Verwerende partij: Arabische Republiek Syrië
Conclusies
Verzoekster verzoekt het Gerecht, Syrië te gelasten:
—
alle bedragen te betalen die aan de Europese Unie verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Syrian Healthcare Loan Agreement (leningsovereenkomst voor de Syrische gezondheidszorg) op grond van haar recht van subrogatie, te weten:
—
62 646 209,04 EUR en 3 582 381,15 USD, het bedrag dat aan de Europese Unie verschuldigd is op 9 augustus 2017, bestaande uit de hoofdsom, rente en contractuele vertragingsrente (vanaf de vervaldag tot 9 augustus 2017);
—
verdere contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan het hoogste van de volgende tarieven (voor elke opeenvolgende periode van één maand): (i) het tarief dat gelijk is aan het Euribor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) [met uitzondering van betalingen in USD, waarvoor een tarief gelijk aan het Libor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) geldt] of (ii) het vaste tarief overeenkomstig artikel 3.01 vermeerderd met 0,25 % (25 basispunten), tot de datum van betaling;
—
alle toepasselijke belastingen, rechten, vergoedingen en professionele kosten vanaf de vervaldag tot de datum van betaling, de kosten van de onderhavige procedure daaronder begrepen.
—
subsidiair, indien het Gerecht oordeelt dat de Europese Unie niet is gesubrogeerd in de rechten van de Europese Investeringsbank (EIB), alle bedragen te betalen die aan de EIB verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Syrian Healthcare Loan Agreement, te weten:
—
62 646 209,04 EUR en 3 582 381,15 USD, het bedrag dat aan de EIB verschuldigd is op 9 augustus 2017, bestaande uit de hoofdsom, rente en contractuele vertragingsrente (vanaf de vervaldag tot 9 augustus 2017);
—
verdere contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan het hoogste van de volgende tarieven (voor elke opeenvolgende periode van één maand): (i) het tarief dat gelijk is aan het Euribor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) [met uitzondering van betalingen in USD, waarvoor een tarief gelijk aan het Libor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) geldt] of (ii) het vaste tarief overeenkomstig artikel 3.01 vermeerderd met 0,25 % (25 basispunten), tot de datum van betaling;
—
alle toepasselijke belastingen, rechten, vergoedingen en professionele kosten vanaf de vervaldag tot de datum van betaling, de kosten van de onderhavige procedure daaronder begrepen.
—
in elk geval, het bedrag te betalen dat aan de Europese Unie of — in voorkomend geval — aan de EIB verschuldigd is voor termijnen die vervallen na de datum van dit verzoekschrift en waarvoor Syrië niet overgaat tot betaling, te weten:
—
de hoofdsom en de rente voor elke termijn;
—
contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan het hoogste van de volgende tarieven (voor elke opeenvolgende periode van één maand): (i) het tarief dat gelijk is aan het Euribor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) [met uitzondering van betalingen in USD, waarvoor een tarief gelijk aan het Libor-tarief vermeerderd met 2 % (200 basispunten) geldt] of (ii) het vaste tarief overeenkomstig artikel 3.01 vermeerderd met 0,25 % (25 basispunten), vanaf de vervaldag van elke termijn tot de datum van betaling door Syrië.
—
alle kosten van de onderhavige procedure te betalen overeenkomstig artikel 134, lid 1, van het Reglement voor de procesvoering.
Middelen en voornaamste argumenten
Tot staving van haar beroep voert verzoekster één middel aan.
Volgens dit enige middel is Syrië zijn contractuele verplichtingen niet nagekomen die voortvloeien uit de artikelen 3.01 en 4.01 van de Syrian Healthcare Loan Agreement, te weten betaling van de in de Syrian Healthcare Loan Agreement vastgestelde termijnen op de vervaldag, alsmede uit artikel 3.02 van de Syrian Healthcare Loan Agreement, te weten betaling van vertragingsrente voor elke op de vervaldag niet-betaalde termijn, tegen het vastgestelde jaarlijkse tarief. Bijgevolg is Syrië contractueel verplicht om alle bedragen te betalen die verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Syrian Healthcare Loan Agreement.