5.8.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 263/14
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 13 juni 2019 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het Oberverwaltungsgericht für das Land Nordrhein-Westfalen — Duitsland) — Google LLC/Bundesrepublik Deutschland
(Zaak C-193/18) (1)
(Prejudiciële verwijzing - Elektronischecommunicatienetwerken en -diensten - Richtlijn 2002/21/EG - Artikel 2, onder c) - Begrip „elektronischecommunicatiedienst” - Overbrengen van signalen - Webgebaseerde e-maildienst - Dienst Gmail)
(2019/C 263/17)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Oberverwaltungsgericht für das Land Nordrhein-Westfalen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Google LLC
Verwerende partij: Bundesrepublik Deutschland
Dictum
Artikel 2, onder c), van richtlijn 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronischecommunicatienetwerken en -diensten (kaderrichtlijn), zoals gewijzigd bij richtlijn 2009/140/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009, moet aldus worden uitgelegd dat een webgebaseerde e-maildienst die zelf geen toegang tot het internet verschaft, zoals de door Google LLC aangeboden dienst Gmail, niet geheel of hoofdzakelijk bestaat in het overbrengen van signalen via elektronischecommunicatienetwerken, zodat die dienst geen „elektronischecommunicatiedienst” in de zin van die bepaling is.
(1) PB C 211 van 18.6.2018.