1.7.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 220/7
Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 2 mei 2019 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Naczelny Sąd Administracyjny — Polen) — Budimex S.A./Minister Finansów
(Zaak C-224/18) (1)
(Prejudiciële verwijzing - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (btw) - Richtlijn 2006/112/EG - Artikel 66 - Belastbaar feit en verschuldigdheid van de belasting - Tijdstip waarop de dienst wordt verricht - Bouw- en montagewerkzaamheden - Inaanmerkingneming van het tijdstip van de in de dienstenovereenkomst voorziene oplevering en aanvaarding van de werkzaamheden)
(2019/C 220/09)
Procestaal: Pools
Verwijzende rechter
Naczelny Sąd Administracyjny
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Budimex S.A.
Verwerende partij: Minister Finansów
Dictum
Artikel 66, eerste alinea, onder c), van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, zoals gewijzigd bij richtlijn 2010/45/EU van de Raad van 13 juli 2010, moet aldus worden uitgelegd dat het zich niet ertegen verzet dat, wanneer de factuur voor de verrichte dienst niet of te laat wordt uitgereikt, de formele oplevering en aanvaarding van deze dienst wordt beschouwd als het tijdstip waarop deze dienst is verricht, wanneer — zoals in het hoofdgeding — de lidstaat bepaalt dat de belasting verschuldigd wordt bij het verstrijken van een termijn die ingaat op de dag waarop de dienst is verricht, voor zover, enerzijds, de formaliteit van oplevering en aanvaarding door de partijen is bedongen in de overeenkomst die hen bindt overeenkomstig contractuele bepalingen die de economische en commerciële realiteit in de sector van de dienstverrichting weergeven en, anderzijds, deze formaliteit overeenstemt met de materiële voltooiing van de dienst en definitief het bedrag van de verschuldigde tegenprestatie vastlegt, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan.
(1) PB C 231 van 2.7.2018.