Zaak C-299/18: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Landgericht Düsseldorf (Duitsland) op 2 mei 2018 — Stefan Neldner / Eurowings GmbH
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Landgericht Düsseldorf (Duitsland) op 2 mei 2018 — Stefan Neldner / Eurowings GmbH
(Zaak C-299/18)
2018/C 285/33Procestaal: DuitsVerwijzende rechter
Landgericht Düsseldorf
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Stefan Neldner
Verwerende partij: Eurowings GmbH
Prejudiciële vragen
1)
Kan het recht op compensatie van artikel 7 van [verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 295/91] ( 1 ) in mindering worden gebracht op een door het nationale recht toegekend recht op schadevergoeding dat strekt tot vergoeding van extra reiskosten die wegens annulering van een geboekte vlucht zijn ontstaan, wanneer de luchtvaartmaatschappij aan haar verplichtingen volgens artikel 8, lid 1, van [verordening nr. 261/2004] heeft voldaan?
2)
Indien aftrek mogelijk is, geldt dit dan tevens voor de kosten van vervangend vervoer naar een andere plaats dan de eindbestemming van de vliegreis wanneer de passagier het door de luchtvaartmaatschappij aangeboden vervangend vervoer naar de eindbestemming van de vliegreis weigert?
3)
Kan de luchtvaartmaatschappij, voor zover aftrek mogelijk is, deze altijd toepassen, of is dit afhankelijk van de mate waarin het nationale recht haar dit toestaat of dit naar het oordeel van de rechter passend is?
4)
Voor zover het nationale recht relevant is dan wel de rechter discretionair moet beslissen: strekt de compensatie van artikel 7 van [verordening nr. 261/2004] enkel tot vergoeding van het ongemak en het door de passagiers wegens de annulering geleden tijdverlies, of ook tot vergoeding van materiële schade?
( 1 ) PB 2004, L 46, blz. 1.