30.9.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 328/53
Beschikking van het Gerecht van 5 juli 2019 — ArcelorMittal Bremen/Commissie
(Zaak T-544/18) (1)
(„Milieu - Richtlijn 2003/87/EG - Regeling voor handel in broeikasgasemissierechten - Verordening (EU) nr. 389/2013 - Overgangsregeling voor geharmoniseerde kosteloze toewijzing van emissierechten - Mededeling van een wijziging van de nationale toewijzingstabel betreffende Duitsland voor de periode van 2013 tot en met 2020 - Verzoek tot wijziging van de in het EU-transactielogboek vastgelegde nationale toewijzingstabel - Beroep wegens nalaten - In de loop van de procedure door de Commissie aan de centrale administrateur gegeven opdracht - Verdwijnen van het voorwerp van het geding - Afdoening zonder beslissing”)
(2019/C 328/60)
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: ArcelorMittal Bremen GmbH (Bremen, Duitsland) (vertegenwoordigers: S. Altenschmidt en D. Jacob, advocaten)
Verwerende partijen: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J.-F. Brakeland en A. Becker, gemachtigden)
Voorwerp
Primair, verzoek krachtens artikel 265 VWEU tot vaststelling dat de Commissie ten onrechte heeft nagelaten de centrale administrateur op te dragen om in de in het EU-transactielogboek (EUTL) vastgelegde nationale toewijzingstabel de door de Bondsrepubliek Duitsland op 8 februari 2018 medegedeelde wijziging aan te brengen betreffende verzoeksters installatie en, subsidiair, verzoek krachtens artikel 263 VWEU tot nietigverklaring van het door de Commissie op 31 augustus 2018 beweerdelijk vastgestelde besluit betreffende de ingebrekestelling van verzoekster op 14 mei 2018.
Dictum
1)
Op het beroep behoeft niet meer te worden beslist.
2)
Het verzoek om de vertegenwoordigers van de Commissie „op de vingers te tikken” omdat zij aan het Gerecht onjuiste stukken zouden hebben overgelegd en omdat zij hun procedurele plicht om een werkelijkheidsgetrouwe uiteenzetting te geven niet zouden zijn nagekomen, wordt afgewezen.
3)
Op het verzoek tot interventie van de Bondsrepubliek Duitsland behoeft niet meer te worden beslist.
4)
De Commissie wordt verwezen in haar eigen kosten alsook in die van Arcelor Mittal Bremen GmbH.
5)
De Bondsrepubliek Duitsland draagt haar eigen kosten in verband met het verzoek tot interventie.
(1) PB C 399 van 5.11.2018.