12.3.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 94/35
Beroep ingesteld op 30 januari 2018 — Gemeente Milaan / Raad
(Zaak T-46/18)
(2018/C 094/46)
Procestaal: Italiaans
Partijen
Verzoekende partij: Comune di Milano (Milaan, Italië) (vertegenwoordigers: F. Sciaudone en M. Condinanzi, advocaten)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
overeenkomstig artikel 263 VWEU het besluit van de Raad dat is vastgesteld in de marge van de 3579e bijeenkomst van de Raad Algemene Zaken van 20 november 2017 betreffende de selectie van de nieuwe vestigingsplaats van het Europees Geneesmiddelenbureau („EMA”), dat openbaar is gemaakt via een perscommuniqué dat de samenvatting ervan bevat [Outcome of the Council Meeting (3579th Council meeting)], het perscommuniqué zelf, Presse 65, provisional version, nietig verklaren, voor zover in dat besluit is vastgesteld dat de nieuwe vestigingsplaats van het Europees Geneesmiddelenbureau Amsterdam is, en
—
de Raad verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij drie middelen aan.
1.
Eerste middel: misbruik van bevoegdheid
—
In dit verband wordt aangevoerd dat de door de Raad gevolgde selectieprocedure tot doel had op basis van vooraf vastgelegde selectiecriteria te bepalen welk het beste aanbod was voor de hervestiging van het EMA. De nieuwe vestigingsplaats van het EMA bepalen door loting en zonder enig onderzoek te verrichten, is daartegen in strijd met het doel, dat bij de vaststelling van de procedureregels is vastgesteld, te weten het beste aanbod te kiezen aan de hand van een transparant besluitvormingsproces op basis van technische beoordelingen en vooraf vastgelegde specifieke criteria, aangezien op die manier niet kon worden vastgesteld dat de twee kandidaturen van Milaan en Amsterdam niet gelijkwaardig waren.
2.
Tweede middel: schending van de beginselen van behoorlijk bestuur en transparantie
—
In dit verband wordt aangevoerd dat het bestreden besluit onrechtmatig is aangezien het is vastgesteld na een besluitvormingsproces waarbij: i) vormvoorschriften en regels ontbreken om de noodzakelijke transparantie te waarborgen, en ii) voor de betrokken beoordeling relevante gegevens niet in aanmerking zijn genomen.
3.
Derde middel: schending van het besluit van de Raad van 1 november 2009 houdende vaststelling van zijn reglement van orde en van de procedureregels van 31 oktober 2017
—
In dit verband wordt aangevoerd dat ook de wijze waarop de stemming is verlopen en het besluit van 20 november 2017 is vastgesteld, wegens schending van specifieke voorschriften die de Raad had moeten naleven, grond opleveren voor de onrechtmatigheid van dat besluit.
Full & Egal Universal Law Academy