9.4.2018
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 123/24
Beroep ingesteld op 29 januari 2018 — UZ / Parlement
(Zaak T-47/18)
(2018/C 123/31)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: UZ (vertegenwoordiger: J.-N. Louis, advocaat)
Verwerende partij: Europees Parlement
Conclusies
—
nietigverklaring van het besluit van de secretaris-generaal van het Europees Parlement van 27 februari 2017 om verzoekster een tuchtrechtelijke sanctie op te leggen waarbij haar rang AD13, salaristrap 3, per 1 maart 2017 werd verlaagd naar rang AD12, salaristrap 3 en haar in rang AD13 verkregen meritepunten tot nul werden teruggebracht;
—
nietigverklaring van het besluit tot afwijzing van haar verzoek om bijstand;
—
verwijzing van het Europees Parlement in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar verzoek, voert verzoekster vier middelen aan.
1.
Het eerste middel is ontleend aan schending van artikel 41 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en de artikelen 3 en 22 van bijlage IX van het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie (hierna: „statuut”), aangezien het tot aanstelling bevoegde gezag (hierna: „TABG”), ter onderbouwing van het door hem krachtens artikel 3 van bijlage IX genomen besluit, verzoekster niet heeft gehoord, en evenmin alvorens haar verzoek om bijstand op grond van artikel 24 van het statuut af te wijzen.
2.
Het tweede middel is ontleend aan schending van de artikelen 9, 10 en 16 van bijlage IX van het statuut, voor zover het bestreden tuchtrechtelijke besluit het evenredigheidsbeginsel schendt en verzoekster een algemene sanctie oplegt die niet is voorzien in bijlage IX van het statuut, namelijk het verlagen van haar rang, de schrapping van haar meritepunten en haar uitsluiting van alle managementstaken.
3.
Het derde middel is ontleend aan de bij de werkzaamheden van de raad van discipline begane onregelmatigheden doordat deze raad niet alleen ten onrechte om een uitspraak is gevraagd zonder verzoekster vooraf te horen, maar die raad tevens gedurende de hele procedure de verdedigingsrechten heeft geschonden.
4.
Het vierde middel is ontleend aan schending van artikel 24 van het statuut, in het bijzonder voor zover het TABG verzoekster niet heeft gehoord alvorens haar verzoek om bijstand af te wijzen.
Full & Egal Universal Law Academy