28.1.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 35/24
Beroep ingesteld op 20 november 2018 — ZV/Commissie
(Zaak T-684/18)
(2019/C 35/30)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: ZV (vertegenwoordiger: J.-N. Louis, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
nietig te verklaren de bij brief van 12 februari 2018 meegedeelde besluiten van de Commissie tot afwijzing van haar sollicitatie naar de post van adjunct-ombudsman en tot benoeming van een andere kandidaat in de post;
—
de Commissie te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij vier middelen aan.
1.
Eerste middel, ontleend aan misbruik van bevoegdheid en van procedure. Zij betoogt in dit verband dat de kennisgeving van vacature COM/2017/1739 niet kon garanderen dat de gekozen kandidaat daadwerkelijk beschikte over de opleiding en de ervaring die nodig zijn voor de uitoefening van de vacante functie. Voorts merkt zij op dat de gekozen kandidaat niet over alle vereiste kwalificaties beschikte, met name niet over ervaring op het gebied van bemiddeling en grondige juridische kennis van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.
2.
Tweede middel, ontleend aan schending van besluit C(2002/601) van de Commissie van 4 maart 2002 betreffende de versterkte ombudsdienst, aangezien artikel 6, lid 3, bepaalt dat de voorzitter van de Commissie op voorstel van de Ombudsman de adjunct-ombudsmannen benoemt, maar niet voorziet in een voorselectieprocedure noch in de opstelling van een lijst van gekozen kandidaten. In casu heeft het adviescomité benoemingen echter een voorselectieprocedure georganiseerd en drie door hem gekozen kandidaten aan de Ombudsman voorgelegd. Dit betekent volgens haar dat de Ombudsman niet alle sollicitaties heeft onderzocht en dat hij dus in strijd met de voormelde bepaling de voorzitter van de Commissie heeft verzocht om over te gaan tot de benoeming van de gekozen kandidaat.
3.
Derde middel, ontleend aan niet-nakoming van de motiveringsplicht in de bestreden besluiten.
4.
Vierde middel, ontleend aan schending van kennisgeving van vacature COM/2017/1739 en aan een kennelijke beoordelingsfout. In dit verband stelt zij dat de gekozen kandidaat, in tegenstelling tot zijzelf, niet voldoet aan de in die kennisgeving genoemde voorwaarden om het betrokken ambt te vervullen, namelijk met name een goede kennis van het Ambtenarenstatuut en van de regelingen welke van toepassing zijn op de ambtenaren en andere personeelsleden alsmede ervaring op het gebied van het oplossen van geschillen.