18.3.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 103/47
Beroep ingesteld op 30 december 2018 — Lazarus Szolgáltató és Kereskedelmi/Europese Commissie
(Zaak T-763/18)
(2019/C 103/62)
Procestaal: Hongaars
Partijen
Verzoekende partij: Lazarus Szolgáltató és Kereskedelmi Kft. (Lazarus Kft.) (Békés, Hongarije) (vertegenwoordiger: L. Szabó, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
primair, het besluit van de Commissie van 20 juli 2011 in zaak SA.29432 — CP 290/2009 — Hongarije — „Steun voor de indienstneming van gehandicapte werknemers die beweerdelijk onrechtmatig is wegens het discriminerende karakter van de betrokken wettelijke regeling” (hierna: „primair bestreden besluit”) nietig te verklaren;
—
subsidiair, het besluit van de Commissie van 25 januari 2017 in zaak SA.45498 (FC/2016) — „Klacht van OPS Újpest-lift Kft. betreffende de van 2006 tot 2012 verleende staatssteun aan ondernemingen die gehandicapte werknemers in dienst hebben” (hierna: „subsidiair bestreden besluit”) nietig te verklaren, en
—
de Europese Commissie te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster voor elke conclusie een middel aan.
1.
Rechtsmiddel ter ondersteuning van de hoofdvordering: onjuiste rechtsopvatting en onjuiste beoordeling van de beschikbare bewijzen
De Hongaarse autoriteiten hebben in strijd met artikel 107, lid 1, VWEU onrechtmatige staatssteun verleend aan 21 ondernemingen, die concurrenten van verzoekster zijn. Deze steun had niet alleen betrekking op de extra kosten die voortvloeien uit de tewerkstelling van gehandicapte werknemers maar financierde ook de algemene kosten van de begunstigde ondernemingen, waardoor de concurrentie werd vervalst. In het primair bestreden besluit heeft de Commissie vastgesteld dat het totale bedrag van de aan de begunstigde ondernemingen verleende steun niet hoger is dan het totale steunbedrag dat op grond van de artikelen 41 en 42 van de algemene groepsvrijstellingsverordening (1) kan worden verleend, zodat de betwiste steun in beginsel verenigbaar is met de interne markt overeenkomstig artikel 107, lid 3, VWEU. Het primair bestreden besluit houdt geen rekening met de nadelige gevolgen van de nationale steunmaatregelen voor verzoekster en schendt derhalve verzoeksters procedurele rechten uit hoofde van artikel 108, lid 2, VWEU
2.
Rechtsmiddel ter ondersteuning van de subsidiaire vordering: onjuiste rechtsopvatting en kennelijke verdraaiing van de beschikbare bewijzen
De Commissie heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting en de beschikbare bewijzen kennelijk verdraaid door in het subsidiair bestreden besluit vast te stellen dat de klacht van OPS Újpest-lift Kft. geen nieuwe feitelijke of juridische elementen bevatte die de beoordeling van de Commissie in zaak SA.29432 — CP 290/2009 konden wijzigen. Het subsidiair bestreden besluit houdt geen rekening met de nadelige gevolgen van de nationale steunmaatregelen voor verzoekster en schendt derhalve verzoeksters procedurele rechten uit hoofde van artikel 108, lid 2, VWEU.
(1) Verordening (EG) nr. 800/2008 van de Commissie van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen [107 VWEU] en [108 VWEU] met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard (PB 2008, L 214, blz. 3).
Full & Egal Universal Law Academy