15.4.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 139/61
Beroep ingesteld op 30 januari 2019 — Syriatel Mobile Telecom/Raad
(Zaak T-56/19)
(2019/C 139/63)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Syriatel Mobile Telecom (Joint Stock Company) (Damascus, Syrië) (vertegenwoordiger: E. Ruchat, advocaat)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
verzoeksters beroep ontvankelijk en gegrond verklaren;
—
bijgevolg de Europese Unie veroordelen tot vergoeding van de door verzoekster geleden schade waarvan het bedrag ex aequo et bono zal worden vastgesteld door het Gerecht;
—
subsidiair, een deskundige benoemen om de volledige omvang te bepalen van de schade die is geleden door verzoekster;
—
de Raad verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter onderbouwing van haar beroep voert verzoekster een primair en een subsidiair middel aan die zijn gebaseerd op de schade die zij stelt te hebben geleden en waarvoor de Raad volgens haar verantwoordelijk is.
Met het primaire middel wordt aangevoerd dat de bestreden beperkende maatregelen, namelijk besluit (GBVB) 2018/778 van de Raad van 28 mei 2018 houdende wijziging van besluit 2013/255/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië en de daaruit volgende uitvoeringshandelingen, onrechtmatig zijn. Ten eerste is er sprake van schending van de motiveringsplicht als bedoeld in artikel 296 VWEU en artikel 41 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, en ten tweede wordt inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van verzoekster en op haar recht op bescherming van haar goede naam. Deze inbreuk is de directe oorzaak van aanzienlijke immateriële en materiële schade, te weten aantasting van haar goede naam en, wat de materiële schade betreft, beëindiging van contractuele relaties en verlies van materiaal en inkomsten, waarvoor zij schadevergoeding eist.
Het subsidiaire middel is gebaseerd op de risicoaansprakelijkheid van de Unie.
Full & Egal Universal Law Academy