3.6.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 187/82
Beroep ingesteld op 3 april 2019 — Haikal/Raad
(Zaak T-189/19)
(2019/C 187/89)
Procestaal: Bulgaars
Partijen
Verzoekende partij: Maen Haikal (Damascus, Syrië) (vertegenwoordiger: Stanislav Koev, advocaat)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
het onderhavige beroep in zijn geheel ontvankelijk en gegrond verklaren, alsook alle daarin aangevoerde middelen gegrond verklaren;
—
vaststellen dat de bestreden handelingen gedeeltelijk nietig kunnen worden verklaard;
—
besluit (GBVB) 2019/87 van de Raad van 21 januari 2019 tot wijziging van besluit 2013/255/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië gedeeltelijk nietig verklaren, voor zover deze betrekking heeft op Maen Haikal;
—
uitvoeringsverordening (EU) 2019/85 van de Raad van 21 januari 2019 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië gedeeltelijk nietig verklaren, voor zover deze betrekking heeft op Maen Haikal;
—
de Raad van de Europese Unie verwijzen in alle proceskosten van verzoeker, alsmede in alle uitgaven, honoraria en andere kosten in verband met de vertegenwoordiging in rechte.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van zijn beroep voert verzoeker zeven middelen aan.
1.
De Raad heeft zijn motiveringsplicht geschonden — artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM), artikel 296 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) en artikel 41van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
2.
Schending van het legaliteitsbeginsel en evenredigheidsbeginsel inzake delicten en straffen — artikel 49 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
3.
Schending van het recht op effectieve rechterlijke bescherming — artikelen 6 en 13 EVRM, artikel 215 VWEU en artikelen 41 en 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
4.
Beoordelingsfouten van de Raad.
5.
Schending van het eigendomsrecht, het evenredigheidsbeginsel en het beginsel van economische vrijheid — artikel 1 van het aanvullend protocol bij het EVRM en artikel 17 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
6.
Schending van het recht op normale levensomstandigheden — artikelen 2 en 4 van het Handvest van de grondrechten van de Europese unie en artikelen 3 en 25 van de Universele Verklaring van de rechten van de mens.
7.
Ernstige schending van het recht op bescherming van de goede naam — artikel 8 en artikel 10, lid 2, EVRM.
Full & Egal Universal Law Academy