24.6.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 213/62
Beroep ingesteld op 15 april 2019 — BG/Parlement
(Zaak T-253/19)
(2019/C 213/60)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: BG (vertegenwoordigers: L. Levi, A. Champetier en A. Tymen, advocaten)
Verwerende partij: Europees Parlement
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
het besluit van het Europees Parlement van 18 mei 2018 tot beëindiging van haar overeenkomst nietig te verklaren;
—
voor zover nodig, het besluit van het Europees Parlement van 4 januari 2019 tot afwijzing van haar klacht van 16 augustus 2018, waarvan is kennisgegeven op 9 januari 2019, nietig te verklaren;
—
de verwerende partij te veroordelen tot vergoeding van de immateriële schade die zij door de fout van de verwerende partij heeft geleden, welke op 50 000 wordt begroot;
—
de verwerende partij te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij twee middelen aan.
1.
Eerste middel, ontleend aan niet-nakoming van de motiveringsplicht en schending van de procedurele regels die bij de beëindiging van de betrokken overeenkomst gelden.
2.
Tweede middel, ontleend aan schending van de artikelen 12 bis en 24 van het Statuut en in dit verband schending van het recht op een onpartijdige en eerlijke behandeling, niet-nakoming van de zorgvuldigheidsplicht en kennelijke beoordelingsfout.
Full & Egal Universal Law Academy