24.6.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 213/63
Beroep ingesteld op 22 april 2019 — Imagina Media Audiovisual e.a./Commissie
(Zaak T-268/19)
(2019/C 213/62)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partijen: Imagina Media Audiovisual, SA (Barcelona, Spanje), Imagina EU (Brussel, België), dpa Deutsche Presse-Agentur GmbH (Hamburg, Duitsland) (vertegenwoordigers: P. Kuypers, N. Groot, B. Vitez, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
nietigverklaring van het besluit van de Commissie van 12 februari 2019 met referentie Ares(2019)856949 betreffende de uitsluiting van IMAGINA MEDIA AUDIOVISUAL SL van deelname aan aanbestedingsprocedures en procedures voor de toekenning van subsidies die onder verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (1) vallen voor zover dit besluit het Imagina/dpa-consortium heeft uitgesloten of de offertes ervan heeft afgewezen;
—
nietigverklaring van het besluit van de Commissie van 9 april 2019 met referentie Ares(2019)2494476 voor zover het moet worden beschouwd als het besluit om het consortium uit te sluiten van deelname aan de aanbesteding met referentienummer PO/2018 05/A4 of de offertes van het consortium verwierp;
—
nietigverklaring van de handeling(en) waarbij de Commissie de overeenkomsten toewijst of een andere partij dan het Imagina/dpa-consortium toestaat om in te staan voor de audiovisuele berichtgeving over de actualiteit in de EU met betrekking tot de percelen I, III en VI, zoals beschreven in de aanbesteding;
—
veroordeling van de Commissie tot betaling aan het consortium van een vergoeding voor de schade die zij heeft berokkend door het consortium te beletten de overeenkomsten voor de percelen I, III en VI uit te voeren;
—
verwijzing van de Commissie in de kosten van verzoeksters.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van hun beroep voeren verzoeksters zes middelen aan.
1.
Eerste middel: de Commissie heeft een kennelijke beoordelingsfout gemaakt door niet te erkennen dat de uitsluiting van Imagina Media Audiovisual SL — een van de leden van het consortium — geen gevolgen heeft voor de uitvoering van de overeenkomst betreffende de percelen I, III en VI van de aanbesteding door het consortium. De uitsluiting van Imagina Media Audiovisual SL heeft evenmin gevolgen voor de besluiten waarbij de Commissie deze overeenkomsten aan het consortium heeft gegund.
2.
Tweede middel: de Commissie heeft een kennelijke beoordelingsfout gemaakt door de aanbestedingsdocumenten onjuist toe te passen. Bijgevolg heeft de Commissie niet van het consortium verlangd dat het Imagina Media Audiovisual SL vervangt door een andere entiteit in het consortium op te nemen, zoals in de aanbestedingsdocumenten was vereist.
3.
Derde middel: de Commissie heeft een kennelijke beoordelingsfout gemaakt door artikel 136, lid 9, van verordening 2018/1046 onjuist toe te passen. Bijgevolg heeft de ordonnateur van de Commissie niet van het consortium verlangd dat het Imagina Media Audiovisual SL vervangt door een andere entiteit in het consortium op te nemen, zoals door verordening 2018/1046 was vereist.
4.
Vierde middel: de Commissie heeft het recht van het consortium op een doeltreffende voorziening in rechte en het beginsel van behoorlijk bestuur geschonden. De Commissie heeft op onrechtmatige wijze gebruik gemaakt van haar besluit van 12 februari 2019 met referentie Ares(2019) 856949 betreffende de uitsluiting van Imagina Media Audiovisual SL of van haar brief van 9 april 2019 met referentie Ares(2019) 2494476 om het consortium uit te sluiten van deelname aan de aanbesteding met referentie PO/2018-05/A4.
5.
Vijfde middel: de Commissie heeft het recht van het consortium op een doeltreffende voorziening in rechte, haar motiveringsplicht en het beginsel van behoorlijk bestuur geschonden. De Commissie heeft procedurefouten gemaakt en de overeenkomsten voor de percelen I, III en VI van de aanbesteding met referentienummer PO/2018 05/A4 onrechtmatig gegund aan een andere inschrijver dan het consortium.
6.
Zesde middel: de Commissie heeft het consortium schade berokkend door haar onrechtmatige gedraging als gevolg waarvan het consortium de overeenkomsten voor de percelen I, III en VI van de aanbesteding met referentienummer PO/2018-05/A4 niet kan uitvoeren.
(1) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB 2018, L 193, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy