8.7.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 230/64
Beroep ingesteld op 22 mei 2019 — Fundación Tecnalia Research & Innovation/Commissie
(Zaak T-314/19)
(2019/C 230/77)
Procestaal: Spaans
Partijen
Verzoekende partij: Fundación Tecnalia Research & Innovation (Donostia-San Sebastián, Spanje) (vertegenwoordigers: P. Palacios Pesquera en M. Ríus Coma, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
het onderhavige beroep en de daarin aangevoerde middelen ontvankelijk verklaren;
—
de in dit beroep aangevoerde middelen toewijzen en bijgevolg:
a)
verklaren dat dat er geen grond bestaat voor de beëindiging van het project BreadGuard en dat bijgevolg dient te worden overgegaan tot de beëindiging van de betrokken procedure op tegenspraak;
b)
subsidiair, de Commissie gelasten over te gaan tot betaling van de bedragen die overeenstemmen met de daadwerkelijk door TECNALIA uitgevoerde werken en de terugvordering van de bedragen die voor het BreadGuard project zijn verleend en door TECNALIA zijn ontvangen voor de uitvoering van het project, te staken;
c)
nog meer subsidiair, het beëindigingsbesluit nietig verklaren en gelasten dat de procedure op tegenspraak wordt hervat teneinde de tekortkomingen te verhelpen zoals deze door TECNALIA zijn vermeld in het beroep;
d)
In elk geval, verklaren dat geen ernstige fout bij de beroepsuitoefening in hoofde van TECNALIA dient te worden vastgesteld.
—
het directoraat-generaal Onderzoek en innovatie van de Europese Unie verwijzen in de kosten van de procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
Het onderhavige beroep is gericht tegen de beëindiging van de procedure op tengespraak met betrekking tot project FP7-KBBE-2013-613647 BREADGUARD Grant Agreement, dat het voorwerp is geweest van een Request for Redress dat is afgewezen bij mededeling van 22 maart 2019.
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij vijf middelen aan.
1.
Eerste middel: er is geen sprake van niet-nakoming van de Grant Agreement door TECNALIA
—
In dit verband voert verzoekster aan dat de Grant Agreement onjuist is toegepast door TECNALIA schending van de artikelen II.38,1.b), II.38.1.c), II,38.1.f) en II.38,1,l), ervan ten laste te leggen, gelet op het feit dat er duidelijk geen sprake is van niet-nakoming van de Grant Agreement door TECNALIA wat elk van de onregelmatigheden en schendingen betreft die in het beëindigingsbesluit worden verweten.
2.
Tweede middel: onjuiste toepassing van artikel II.38 van de Grant Agreement
—
In dit verband voert verzoekster aan dat artikel II.38.1.l van de Grant Agreement onjuist is toegepast wat de verklaring van het bestaan van een ernstige fout bij de beroepsuitoefening in hoofde van TECNALIA betreft.
3.
Derde middel: onjuiste toepassing van artikel II.38,1,l) van bijlage II bij de Grant Agreement
—
In dit verband betoogt verzoekster dat artikel II.38 van de Grant Agreement onjuist is toegepast om de beëindiging van het project BreadGuard te gelasten door het consortium in zijn geheel aansprakelijk te stellen.
4.
Vierde middel: schending van artikel II.23.5 van bijlage II bij de Grant Agreement
—
In dit verband stelt verzoekster dat de inhoud van bijlage II bij de Grant Agreement van het project BreadGuard is geschonden doordat de Europese Commissie heeft nagelaten de identiteit mee te delen van de onafhankelijke deskundigen die de deskundigenverslagen hebben goedgekeurd waarop het bestreden besluit is gebaseerd, zodat TECNALIA deze niet kon wraken.
5.
Vijfde middel: de erkenning van de feiten door een begunstigde is irrelevant
—
In dit verband betoogt verzoekster dat de vaststellingen van de universiteit van Kassel met betrekking tot procedure op tegenspraak in haar hoedanigheid van een van de begunstigden van de projecten BreadGuard en FoodWatch irrelevant zijn.
Full & Egal Universal Law Academy