12.8.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 270/47
Beroep ingesteld op 28 juni 2019 — Puigdemont i Casamajó en Comín i Oliveres/Parlement
(Zaak T-388/19)
(2019/C 270/49)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partijen: Carles Puigdemont i Casamajó (Waterloo, België) en Antoni Comín i Oliveres (Waterloo) (vertegenwoordigers: P. Bekaert, advocaat, B. Emmerson, QC, G. Boye en S. Bekaert, advocaten)
Verwerende partij: Europees Parlement
Conclusies
—
het besluit van het Parlement om verzoekers geen toegang te verlenen tot de speciale ontvangstdienst voor verkozen parlementsleden en de instructie van de voorzitter van het Parlement van 29 mei 2019, waarmee hun werd belet om de op grond van artikel 3, lid 2, van het reglement vereiste schriftelijke verklaring af te leggen, nietig verklaren;
—
het besluit van het Parlement — zoals bevestigd bij de brief zonder rechtsgrondslag van de voorzitter van het Parlement van 27 juni 2019 — om de door Spanje officieel afgekondigde uitslag van de verkiezingen voor het Europees Parlement van 26 mei 2019 niet in aanmerking te nemen, en het daaropvolgende besluit om een door de Spaanse autoriteiten op 17 juni 2019 bekendgemaakte andere en onvolledige lijst van verkozen parlementsleden, waarop verzoekers niet voorkomen, in aanmerking te nemen, nietig verklaren;
—
het besluit van het Parlement om de mededeling van de Spaanse kiescommissie van 20 juni 2019 aldus op te vatten dat daarbij het effect wordt ontnomen van de afkondiging van verzoekers als verkozen parlementsleden, wat neerkomt op een het Parlement toe te rekenen onwettige kennisgeving van vacature in strijd met artikel 13 van de verkiezingsakte van 1976, nietig verklaren;
—
het besluit van het Parlement — zoals bevestigd bij de brief zonder rechtsgrondslag van de voorzitter van het Parlement van 27 juni 2019 — tot weigering om overeenkomstig artikel 3, lid 2, van zijn reglement het recht van verzoekers te waarborgen om zitting te nemen in het Parlement en zijn organen en om alle daaraan verbonden rechten te genieten vanaf de eerste vergadering en totdat is besloten op de bij zowel het Parlement als de rechterlijke autoriteiten van Spanje aanhangige geschillen, nietig verklaren;
—
het besluit van de voorzitter van het Parlement — zoals bevestigd bij de brief zonder rechtsgrondslag van de voorzitter van het Parlement van 27 juni 2019 — tot weigering om overeenkomstig artikel 8 van het reglement de privileges en immuniteiten te bevestigen die verzoekers genieten op grond van artikel 9 van Protocol (Nr. 7) betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, nietig verklaren;
—
verweerder verwijzen in alle kosten van de onderhavige procedure en overeenkomstig artikel 340, tweede alinea, VWEU veroordelen tot vergoeding van de geleden schade, bestaande uit het gederfde maandelijkse salaris voor leden van het Europees Parlement plus één symbolische euro voor de immateriële schade.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van hun beroep voeren verzoekers vijf middelen aan.
1.
Het besluit van het Parlement om verzoekers geen toegang te verlenen tot de speciale ontvangstdienst voor verkozen parlementsleden en de instructie van de voorzitter van het Parlement van 29 mei 2019 zijn in strijd met de artikelen 20 en 21, en artikel 39, lid 2, van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (hierna: „Handvest”).
2.
Het besluit van het Parlement om de door Spanje officieel afgekondigde uitslag van de verkiezingen voor het Europees Parlement van 26 mei 2019 niet in aanmerking te nemen, en het daaropvolgende besluit om een door de Spaanse autoriteiten op 20 juni 2019 bekendgemaakte andere en onvolledige lijst van verkozen parlementsleden, waarop verzoekers niet voorkomen, in aanmerking te nemen, zijn in strijd met artikel 12 van de verkiezingsakte van 1976 en artikel 3, lid 2, van besluit 2018/937 van de Europese Raad (1), juncto artikel 39, lid 2, van het Handvest; artikel 10, leden 1 en 2, VEU; artikel 14, leden 2 en 3, VEU, en artikel 1, lid 3, van de verkiezingsakte van 1976.
3.
Het besluit van het Parlement om de mededeling van de Spaanse kiescommissie van 20 juni 2019 aldus op te vatten dat daarbij het effect wordt ontnomen van de afkondiging van verzoekers als verkozen parlementsleden komt neer op een aan het Parlement toe te rekenen onwettige kennisgeving van het vacant worden van de zetel in strijd met artikel 13 van de verkiezingsakte van 1976, die in strijd is met artikel 6, lid 2, en de artikelen 8 en 13, van de verkiezingsakte van 1976, juncto artikel 39, lid 2, van het Handvest; artikel 10, leden 1 en 2, VEU; artikel 14, leden 2 en 3, VEU, en artikel 1, lid 3, van de verkiezingsakte van 1976.
4.
Het besluit van het Parlement tot weigering om overeenkomstig artikel 3, lid 2, van zijn reglement het recht van verzoekers te waarborgen om zitting te nemen in het Parlement en zijn organen en om alle daaraan verbonden rechten te genieten vanaf de eerste vergadering en totdat uitspraak is gedaan in de bij zowel het Parlement als de rechterlijke autoriteiten van Spanje aanhangige geschillen, is in strijd met artikel 3, lid 2, van het reglement van het Europees Parlement en artikel 5, lid 1, en artikel 12, van de verkiezingsakte van 1976, juncto artikel 39, lid 2, van het Handvest; artikel 10, leden 1 en 2, VEU; artikel 14, leden 2 en 3, VEU, en artikel 1, lid 3, van de verkiezingsakte van 1976.
5.
Het besluit van de voorzitter van het Parlement tot weigering om de privileges en immuniteiten te bevestigen die verzoekers genieten op grond van artikel 9 van Protocol (Nr. 7) betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie is in strijd met artikel 5, lid 2, van het reglement van het Europees Parlement; artikel 6, lid 2, van de verkiezingsakte van 1976, en artikel 9 van voornoemd Protocol, juncto artikel 39, lid 2, van het Handvest; artikel 10, leden 1 en 2, VEU; artikel 14, leden 2 en 3, VEU, en artikel 1, lid 3, van de verkiezingsakte van 1976.
(1) Besluit (EU) 2018/937 van de Europese Raad van 28 juni 2018 inzake de samenstelling van het Europees Parlement (PB LI 165/1 van 2.7.2018, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy