21.10.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 357/37
Beroep ingesteld op 27 juli 2019 – Μilitos Symvouleftiki/Commissie
(Zaak T-536/19)
(2019/C 357/45)
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Μilitos Symvouleftiki AE (Athene, Griekenland) (vertegenwoordiger: K. Frarmakidis-Markou, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
het besluit houdende annulering van aanbesteding PR/2018-16/ATH betreffende een raamovereenkomst voor het verrichten van diensten op het gebied van de organisatie van communicatieactiviteiten, waarvan op 29 mei 2019 kennis is gegeven en dat is bekendgemaakt in PB 2019/S 110-267174, nietig verklaren.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster vier middelen aan:
1.
Eerste middel: onjuiste en ongegronde motivering van de bestreden handeling en kennelijk onjuiste beoordeling. Anders dan in de motivering van de bestreden handeling is gesteld, was verzoeksters offerte niet hoger dan het voor het project vastgestelde budget en is niet uitdrukkelijk aangetoond dat alle offertes het vastgestelde budget hebben overschreden.
2.
Tweede middel: onjuiste toepassing van de bepaling in de aankondiging van de aanbesteding waarin de wijze van vergelijkende beoordeling van de offertes wordt omschreven, als reden voor uitsluiting of als formele voorwaarde voor de indiening van de offertes. De som van de referentieprijzen, die volgens de bestreden handeling het voor de raamovereenkomst vastgestelde budget overschrijdt, is slechts een middel om te bepalen welke offerte het voordeligst is en beantwoordt niet nauwkeurig aan de behoeften van de dienstenmarkt op het tijdstip van de uitvoering van de overeenkomst.
3.
Derde middel: misbruik van de bevoegdheid van artikel 171 van het Financieel Reglement. De motivering van de annulering van de aankondiging van de aanbesteding is tegenstrijdig, dat wil zeggen dat de behoeften van de aanbestedende dienst worden overschat en er dus een redelijke kans bestaat dat de uiteindelijke kosten van de overeenkomst bij de uitvoering ervan lager zullen uitvallen. De motivering is ook ontoereikend, dat wil zeggen dat niet uitdrukkelijk wordt aangetoond dat alle offertes van de deelnemende ondernemingen het budget overschreden, zodat de objectieve indruk wordt gewekt dat de handeling is vastgesteld om een andere reden dan die waarop zij betrekking heeft.
4.
Vierde middel: ontoereikende motivering wat betreft de niet-toepassing van artikel 169, lid 2, van verordening 2018/1046/EU (1)
(1) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB 2018, L 193, blz. 1)
Full & Egal Universal Law Academy