30.9.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 328/66
Beroep ingesteld op 30 juli 2019 — Casino, Guichard-Perrachon/Commissie
(Zaak T-538/19)
(2019/C 328/74)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Casino, Guichard-Perrachon (Saint-Étienne, Frankrijk) (vertegenwoordigers: I. Simic, G. Aubron, O. de Juvigny en T. Reymond, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
artikel 20 van verordening nr. 1/2003 niet-toepasselijk verklaren op het onderhavige geval krachtens artikel 277 VWEU en bijgevolg besluit C(2019) 3761 van de Europese Commissie van 13 mei 2019 nietigverklaren;
—
besluit C(2019) 3761 van de Europese Commissie van 13 mei 2019 nietigverklaren krachtens artikel 263 VWEU;
—
de Commissie verwijzen in alle kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster drie middelen aan.
1.
Eerste middel: het bestreden besluit is onrechtmatig voor zover het uitsluitend is vastgesteld op grond van documenten die in beslag zijn genomen tijdens een vooraf uitgevoerde inspectie die zelf berust op een onrechtmatig besluit.
2.
Tweede middel: het bestreden besluit is onrechtmatig voor zover het is vastgesteld op grond van artikel 20 van verordening nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (voor de EER relevante tekst) (PB 2003, L 1, blz. 1), dat zelf onrechtmatig is en dus in casu niet-toepasselijk is overeenkomstig artikel 277 VWEU. Die bepaling schendt immers het grondrecht op een doeltreffende voorziening in rechte doordat de ondernemingen die adressaten zijn van een inspectiebesluit van de Commissie geen doeltreffende voorziening in rechte kunnen instellen tegen het verloop van de inspectie.
3.
Derde middel: schending van het grondrecht van onschendbaarheid van de woning, doordat het bestreden besluit een onbeperkte geldigheidsduur heeft en een onnauwkeurige alsook onevenredige werkingssfeer.
Full & Egal Universal Law Academy