11.11.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 383/65
Beroep ingesteld op 9 september 2019 – EP/Commissie
(Zaak T-605/19)
(2019/C 383/74)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: EP (vertegenwoordigers: S. Orlandi en T. Martin, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
het besluit om haar in het kader van de bevorderingsronde 2018 niet naar de rang AD 9 te bevorderen nietig te verklaren;
—
de Europese Commissie te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij vier middelen aan.
1.
Eerste middel, ontleend aan een ontoereikende motivering in de afwijzing van de klacht, met name gelet op het feit dat het paritair bevorderingscomité haar had voorgedragen voor bevordering.
2.
Tweede middel, ontleend aan schending van artikel 45 van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie (hierna: „Statuut”) door het tot aanstelling bevoegd gezag, aangezien het niet echt de verdiensten van alle voor bevordering in aanmerking komende ambtenaren heeft vergeleken.
3.
Derde middel, ontleend aan kennelijke beoordelingsfouten die het bestreden besluit, gezien de beschikbare motivering daarvan, in elk geval bevat.
4.
Vierde middel, ontleend aan schending van artikel 24 ter van het Statuut en van artikel 1, zesde alinea, van bijlage II bij het Statuut, aangezien zij is bestraft voor de functie die zij in het kader van de personeelsvertegenwoordiging uitoefent.
Full & Egal Universal Law Academy