11.11.2019
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 383/69
Beroep ingesteld op 21 september 2019 – BNetzA/ACER
(Zaak T-631/19)
(2019/C 383/78)
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Bundesnetzagentur für Elektrizität, Gas, Telekommunikation, Post und Eisenbahnen (BNetzA) (vertegenwoordigers: H. Haller, T. Heitling, L. Reiser, N. Gremminger en V. Vacha, advocaten)
Verwerende partij: Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators (ACER)
Conclusies
—
de hierna vermelde bepalingen van verweerders besluit nr. 2/2019 van 21 februari 2019 en het ten aanzien daarvan genomen besluit nr. A-003-2019 van de raad van beroep van verweerder van 11 juli 2019 nietig verklaren:
i)
artikel 5, leden 5 tot en met 9, van bijlage I;
ii)
artikel 10, lid 4, tweede zinsnede, en lid 5, van bijlage I;
iii)
artikel 16, lid 2, tweede volzin, en lid 3, onder d-vii), van bijlage I;
iv)
artikel 5, leden 5 tot en met 9, van bijlage II;
v)
artikel 17, lid 3, onder d-vii), van bijlage II, en
vi)
alle voorschriften van bijlagen I en II, die uitdrukkelijk verwijzen naar de onder i) tot en met v) genoemde voorschriften;
—
subsidiair, het gehele besluit nr. 2/2019 van verweerder van 21 februari 2019 en het ten aanzien daarvan genomen besluit nr. A-003-2019 van de raad van beroep van verweerder van 11 juli 2019 nietig verklaren;
—
verweerder verwijzen in de kosten van de procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij volgende middelen aan.
1.
Eerste middel: formele onwettigheid van het bestreden besluit
Het bestreden besluit van het ACER is formeel onwettig omdat het ACER bij de vaststelling ervan buiten zijn bevoegdheid is getreden.
2.
Tweede middel: schending van verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad (1)
—
Het ACER is niet gerechtigd een mechanisme vast te stellen waardoor interne netwerkelementen niet in aanmerking worden genomen bij de capaciteitsberekening in het kader van een preselectie.
—
Het ACER heeft bij zijn besluit i) de kritische netwerkelementen vastgesteld, ii) voorzien in een gedifferentieerde toepassing van de vermogensoverdrachtverdelingsfactor op interne netwerkelementen en zone-overschrijdende netwerkelementen, en iii) een efficiëntiecriterium voor interne netwerkelementen ingevoerd. Dit is in strijd met artikel 16, leden 4 en 8, van verordening (EU) 2019/943.
—
Het ACER heeft in het bestreden besluit bepaald dat de biedzoneconfiguraties volgens een bepaalde methode en binnen bepaalde termijnen moeten worden herzien. Dit is strijdig met verordening (EU) 2019/943.
—
De transmissiesysteembeheerders worden feitelijk gedwongen om op hun interne netwerkelementen 100 % minimumcapaciteit en meer voor zone-overschrijdende handel beschikbaar te stellen. Dat is in strijd met verordening (EU) 2019/943.
—
Het ACER wil interne lijnen met een vermogensoverdrachtverdelingsfactor van minder dan 10 % op de langere termijn niet meer in aanmerking nemen bij de capaciteitsberekening. Dit is strijdig met verordening (EU) 2019/943.
—
Door het efficiëntiecriterium in te voeren, wordt de overgangsbepaling van artikel 15, lid 2, van verordening (EU) 2019/943 omzeild.
—
Het besluit van het ACER schendt artikel 14, lid 5, van verordening (EU) 2019/943 daar het geen rekening houdt met nieuwe netwerkinfrastructuurinvesteringen.
—
Het ACER eist dat uitgebreid gebruik wordt gemaakt van corrigerende maatregelen. Dit strookt niet met de voorschriften van verordening (EU) 2019/943.
—
Het ACER omzeilt de voorschriften van verordening (EU) 2019/943 met betrekking tot de nieuwe configuratie van biedzones.
—
Door zich een bevoegdheid betreffende de herorganisatie van de biedzones toe te eigenen, schendt het ACER artikel 14, leden 3 en 6 tot en met 8, en artikel 15, leden 5 en 7, van verordening (EU) 2019/943.
3.
Derde middel: schending van verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie (2)
—
Het door het ACER ingevoerde efficiëntiecriterium dwingt de lidstaten feitelijk ertoe de configuratie van hun biedzones aan te passen. Dit is in strijd met de voorschriften van verordening (EU) 2015/1222.
—
Het ACER eist dat uitgebreid gebruik wordt gemaakt van corrigerende maatregelen. Dit strookt niet met de voorschriften van verordening (EU) 2015/1222.
4.
Vierde middel: schending van het evenredigheidsbeginsel
Het besluit van het ACER is onevenredig omdat het niet geschikt is om de doelstellingen van verordening (EU) 2015/1222 te verwezenlijken.
5.
Vijfde middel: schending van het non-discriminatiebeginsel
De vaststelling van kritische netwerkelementen en vroegtijdige corrigerende maatregelen ter verhelping van lusstromen levert indirecte discriminatie op grond van nationaliteit op.
(1) Verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de interne markt voor elektriciteit (PB 2019, L 158, blz. 54).
(2) Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer (PB 2015, L 197, blz. 24).
Full & Egal Universal Law Academy