Avis juridique important
Briefwisseling inzake het resultaat van de onderhandelingen tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland overeenkomstig artikel XXIV, lid 6, van de GATT naar aanleiding van de toetreding van de Helleense Republiek tot de Europese Gemeenschappen
Publicatieblad Nr. L 359 van 15/12/1981 blz. 0029
*****
Tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland overeengekomen tijdelijke regeling aangaande onderling afgestemde discipline inzake het handelsverkeer van kaas
I
De Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland hebben overleg gepleegd over het handelsverkeer van kaas.
Tijdens dit overleg hebben beide partijen elk voor zich vastgesteld dat de wederzijdse invoer en uitvoer van kaas zich niet op bevredigende wijze heeft ontwikkeld en dat bepaalde tussen hen overeengekomen invoerregelingen niet meer beantwoordden aan de huidige marktsituatie voor kaas.
Zij hebben in gezamenlijk overleg besloten dat de regelingen voor de handel in kaas moeten worden aangepast aan de behoeften van hun respectieve markten, waarbij eveneens rekening moet worden gehouden met de toetreding van de Helleense Republiek tot de Gemeenschappen.
Zij waren van oordeel dat het in de huidige omstandigheden de voorkeur verdient een praktische oplossing voor een beperkte periode te zoeken, in plaats van bedoelde regelingen definitief aan te passen.
II
De Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland zijn overeengekomen een tijdelijke regeling vast te stellen die als volgt luidt:
1. De Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland schorsen aanvankelijk voor een periode van drie jaar, gaande van 1 januari 1982 tot en met 31 december 1984, de volgende bepalingen betreffende de invoer van kaas in de Gemeenschap:
- de grenswaarden opgenomen in de consolidatie in de GATT (lijst LXXII-EEG) van de volgende onderverdelingen van het gemeenschappelijk douanetarief:
- 04.04 A I a) ex 1
- 04.04 A I b) 1 ex aa),
- de grenswaarden opgenomen in de autonome concessie van de Gemeenschap voor Tilsit en Butterkaese van post 04.04 E I b) 2 van het gemeenschappelijk douanetarief,
- de grenswaarden opgenomen in de autonome concessie van de Gemeenschap voor smeltkaas van post 04.04 D I van het gemeenschappelijk douanetarief.
2. Tegelijk met de sub 1 bedoelde schorsingen stellen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland voor dezelfde periode de volgende regeling voor het handelsverkeer in:
Voor de periode van 1 januari 1982 tot en met 31 december 1984 mogen de jaarlijkse invoer en de bij invoer te heffen invoerrechten, voor de navolgende kaassoorten, niet meer bedragen dan:
a) bij invoer in de Europese Economische Gemeenschap:
kaas van post 04.04 van het gemeenschappelijk douanetarief, van oorsprong en herkomst uit Finland, vergezeld van een officieel erkend certificaat:
1.2.3 // // Hoeveelheid // Invoerrecht // - Finlandia met een vetgehalte van ten minste 45 gewichtspercenten berekend op de droge stof, en met een rijpingstijd van ten minste 100 dagen, in rechthoekige blokken, met een nettogewicht van 30 kg of meer, van post 04.04 E I b) 5 van het gemeenschappelijk douanetarief - Emmentaler, Gruyère, Sbrinz en Bergkaese, andere dan geraspt of in poeder, met een vetgehalte van ten minste 45 gewichtspercenten, berekend op de droge stof, en met een rijpingstijd van ten minste drie maanden, van de posten 04.04 A I en II van het gemeenschappelijk douanetarief: - in platte cilindrische vorm met standaardgewicht // 5 850 ton, waarvan ten hoogste 2 900 ton Finlandia // 18,13 Ecu/100 kg // - in stukken, vacuuem of onder inert gas verpakt, waarvan de korst aan ten minste één zijde nog aanwezig is, met een nettogewicht van 1 kg of meer, doch minder dan 5 kg // 1 350 ton // 18,13 Ecu/100 kg // - Smeltkaas, andere dan geraspt of in poeder, waarin geen andere kaassoorten zijn verwerkt dan Emmentaler, Gruyère en Appenzell en eventueel met toevoeging van Glaris-kruidenkaas (zogenaamde Schabziger), verpakt voor de verkoop in het klein en met een vetgehalte, berekend op de droge stof, van niet meer dan 56 gewichtspercenten, van de posten 04.04 D I en D II a) 1 van het gemeenschappelijk douanetarief // 500 ton // 36,27 Ecu/100 kg // - Overige kaassoorten // 0 ton // -
b) bij invoer in Finland:
kaas van post 04.04 van het Finse douanetarief, van oorsprong en herkomst uit de Gemeenschap, vergezeld van een officieel erkend document inzake kwaliteit en oorsprong:
1.2.3 // // Hoeveelheid // Invoerrecht // 04.04.150 verse kaas, wrongel 200 smeltkaas 300 kaas van ondermelk 400 »schimmelkaas" 901 Emmentaler 902 Edammer 909 andere kaassoorten // totale hoeveelheid van: 400 ton in 1982 500 ton in 1983 600 ton in 1984 zonder beperking ten aanzien van de soort en de kwaliteit van de kaas // 2 / 3 van de heffing 1 / 3 van de heffing 2 / 3 van de heffing 1 / 3 van de heffing volledige heffing volledige heffing 1 / 3 van de heffing
3. De Republiek Finland verplicht zich ertoe de nodige maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat:
- de overeengekomen hoeveelheden voor de uitvoer van Finland naar de Europese Economische Gemeenschap (zie punt 2, sub a)) niet worden overschreden;
- invoervergunningen regelmatig worden afgegeven zodat de overeengekomen invoer in Finland uit de Gemeenschap (zie punt 2, sub b)) kan plaatsvinden.
De Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland zorgen ervoor dat de wederzijds toegekende voordelen niet door andere maatregelen bij de invoer in het gedrang komen.
4. De Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland verbinden zich er elk van haar kant toe erop toe te zien dat de door hun exporteurs toegepaste prijzen geen moeilijkheden veroorzaken op de markt van het invoerende land.
Zij komen ter zake overeen een regeling inzake wederzijdse informatie en samenwerking in te stellen waarvan de elementen zijn opgenomen in de bijlage bij deze regeling.
Wanneer zich moeilijkheden in verband met de toegepaste prijzen voordoen, zal op verzoek van een der partijen binnen de kortst mogelijke termijn overleg worden gepleegd om geëigende maatregelen te treffen.
5. Beide partijen kunnen elkaar op ieder ogenblik raadplegen over de toepassing van deze Overeenkomst, en deze eventueel in gemeenschappelijk overleg wijzigen naar gelang van de ontwikkeling van de marktprijzen, de produktie, de afzet en het verbruik van inheemse en ingevoerde kaas.
6. Om voortdurende samenwerking bij het dagelijks beheer van de uitvoer- en invoertransacties te verzekeren, wijzen de autoriteiten van Finland en van de Gemeenschap elk een afgevaardigde aan. Deze afgevaardigden houden elkaar op de hoogte van de ontwikkeling van het handelsverkeer wat de prijzen en de afgezette hoeveelheden betreft.
7. In de eerste helft van 1984 zal overleg plaatsvinden om te beslissen, of, en onder welke voorwaarden deze regeling wordt verlengd.
8. Alle in deze regeling vastgestelde bepalingen treden op dezelfde datum in werking.
III
Deze regeling is opgesteld in twee exemplaren in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Italiaanse, de Nederlandse en de Finse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.
Gedaan te Brussel, . . . 1981.
1.2 // Voor de Regering van de Republiek Finland // Namens de Raad van de Europese Gemeenschappen
BIJLAGE
Om te voorkomen dat de door de exporteurs toegepaste prijzen moeilijkheden veroorzaken op de markt van het invoerende land, wordt het volgende informatie- en samenwerkingssysteem ingesteld:
1. de diensten van de Commissie van de Europese Gemeenschappen verstrekken de Republiek Finland periodiek de prijsnoteringen en alle andere nuttige inlichtingen over de markt voor inheemse en ingevoerde kaas;
2. de Republiek Finland verstrekt de diensten van de Commissie van de Europese Gemeenschappen de volgende inlichtingen voor elk van de onder de regeling vallende kaassoorten:
- twee weken vóór het begin van ieder kalenderkwartaal, de vooruitzichten inzake de Finse uitvoer naar de Gemeenschap in het volgende kwartaal (geraamde hoeveelheden, voorgenomen prijzen franco-Finse grens, vermoedelijke markten van bestemming);
- drie weken na afloop van ieder kalenderkwartaal, de werkelijke Finse uitvoer naar de Gemeenschap in het afgelopen kwartaal (uitgevoerde hoeveelheden, werkelijk toegepaste prijzen franco-Finse grens, Lid-Staten van bestemming).
BRIEFWISSELING
inzake het resultaat van de onderhandelingen tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Finland overeenkomstig artikel XXIV, lid 6, van de GATT naar aanleiding van de toetreding van de Helleense Republiek tot de Europese Gemeenschappen
Brief nr. 1
Excellentie,
Ik heb de eer te refereren aan de nota die de Permanente Missie van de Republiek Finland in Genève op 11 juni 1981 heeft gezonden aan de Permanente Vertegenwoordiger van de Commissie van de Europese Gemeenschappen in Genève betreffende het verzoek van de Republiek Finland om met de Gemeenschap onderhandelingen te beginnen overeenkomstig artikel XXIV, lid 6, van de GATT, naar aanleiding van de toetreding van de Helleense Republiek tot de Europese Gemeenschappen.
Ik heb er kennis van genomen dat de Republiek Finland heeft medegedeeld dat zij voor de volgende tariefposten, die voorkomen in lijst XXV - Griekenland, welke is ingetrokken, na de Gemeenschap de belangrijkste leverancier van Griekenland was:
- 04.04 B 5 »Hollandse kaas"
- 04.04 B 9 Andere bereide kaas.
De onderhandelingen die ter zake tussen onze beide delegaties zijn gevoerd, in het kader van het overleg met betrekking tot kaas, hebben het mogelijk gemaakt in »de tijdelijke regeling aangaande onderling afgestemde discipline inzake het handelsverkeer van kaas" tariefconcessies op te nemen als compensatie voor de rechten die Finland bezit ingevolge artikel XXIV, lid 6, van de GATT.
De Gemeenschap verbindt zich er toe om, wanneer deze tijdelijke regeling afloopt, met de Republiek Finland overleg te plegen om een compensatie te verlenen die gelijkwaardig is aan de rechten die Finland bezit ingevolge artikel XXIV, lid 6, van de GATT.
Ik moge U verzoeken mij te willen bevestigen dat Uw Regering met het bovenstaande instemt.
Gelieve, Excellentie, de verzekering van mijn bijzondere hoogachting te aanvaarden.
Namens de Raad van de
Europese Gemeenschappen
Brief nr. 2
Mijnheer,
Ik heb de eer te bevestigen dat mijn Regering instemt met de inhoud van Uw schrijven van . . . . dat als volgt luidt:
»Ik heb de eer te refereren aan de nota die de Permanente Missie van de Republiek Finland in Genève op 11 juni 1981 heeft gezonden aan de Permanente Vertegenwoordiger van de Commissie van de Europese Gemeenschappen in Genève betreffende het verzoek van de Republiek Finland om met de Gemeenschap onderhandelingen te beginnen overeenkomstig artikel XXIV, lid 6, van de GATT, naar aanleiding van de toetreding van de Helleense Republiek tot de Europese Gemeenschappen.
Ik heb er kennis van genomen dat de Republiek Finland heeft medegedeeld dat zij voor de volgende tariefposten, die voorkomen in lijst XXV - Griekenland, welke is ingetrokken, na de Gemeenschap de belangrijkste leverancier van Griekenland was:
- 04.04 B 5 »Hollandse kaas"
- 04.04 B 9 Andere bereide kaas.
De onderhandelingen die ter zake tussen onze beide delegaties zijn gevoerd, in het kader van het overleg met betrekking tot kaas, hebben het mogelijk gemaakt in »de tijdelijke regeling aangaande onderling afgestemde discipline inzake het handelsverkeer van kaas" tariefconcessies op te nemen als compensatie voor de rechten die Finland bezit ingevolge artikel XXIV, lid 6, van de GATT.
De Gemeenschap verbindt zich er toe om, wanneer deze tijdelijke regeling afloopt, met de Republiek Finland overleg te plegen om een compensatie te verlenen die gelijkwaardig is aan de rechten die Finland bezit ingevolge artikel XXIV, lid 6, van de GATT.
Ik moge U verzoeken mij te willen bevestigen dat Uw Regering met het bovenstaande instemt.".
Gelieve, Mijnheer, de verzekering van mijn bijzondere hoogachting te aanvaarden.
Voor de Regering van de
Republiek Finland
Top