Avis juridique important
Verordening (EEG) nr. 3899/86 van de Raad van 18 december 1986 betreffende de opening en de wijze van beheer van een communautair tariefcontingent voor heek, bevroren, in gehele staat, ook indien ontdaan van kop of in moten gesneden, van post ex 03.01 B I t) 2 van het gemeenschappelijk douanetarief
Publicatieblad Nr. L 364 van 23/12/1986 blz. 0005
*****
VERORDENING (EEG) Nr. 3899/86 VAN DE RAAD
van 18 december 1986
betreffende de opening en de wijze van beheer van een communautair tariefcontingent voor heek, bevroren, in gehele staat, ook indien ontdaan van kop of in moten gesneden, van post ex 03.01 B I t) 2 van het gemeenschappelijk douanetarief
DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 28,
Overwegende dat de bevoorrading van de Gemeenschap met heek, bevroren, momenteel voor een niet te verwaarlozen gedeelte van invoer uit derde landen afhankelijk is; dat het in het belang is van de Gemeenschap het recht van het gemeenschappelijk douanetarief voor de betrokken produkten, binnen de grenzen van een passend communautair tariefcontingent, gedurende een vrij beperkte periode gedeeltelijk te schorsen; dat het ten einde de vooruitzichten van de groei van deze produktie in de Gemeenschap niet te schaden en om een toereikende voorziening van de verwerkende industrie te verzekeren, dienstig is het contingent voor alle soorten heek, met uitzondering van de soort Merluccius bilinearis, voor de betrokken produkten te openen voor het tijdvak dat loopt tot en met 31 januari 1987 tegen een recht van 5 % en het contingent vast te stellen op 3 000 ton;
Overwegende dat met name dient te worden gewaarborgd dat alle importeurs van de Gemeenschap te allen tijde en in gelijke mate gebruik kunnen maken van genoemd contingent en dat het aan dat contingent verbonden recht in alle Lid-Staten zonder onderbreking wordt toegepast op alle invoer van het betrokken produkt tot op het tijdstip waarop het contingent geheel is uitgeput; dat het evenwel, aangezien het gaat om een tariefcontingent dat behoeften moet dekken die niet met voldoende nauwkeurigheid kunnen worden vastgesteld, aangewezen lijkt om niet in een verdeling tussen de Lid-Staten te voorzien, onverminderd het opnemen uit het contingent van hoeveelheden die overeenstemmen met hun behoeften onder nader te bepalen voorwaarden en volgens een nader te bepalen procedure; dat deze wijze van beheer een nauwe samenwerking vereist tussen de Lid-Staten en de Commissie, die met name de uitputtingsgraad van het contingent moet kunnen volgen en de Lid-Staten daarover moet kunnen inlichten;
Overwegende dat, aangezien het Koninkrijk België, het Koninkrijk der Nederlanden en het Groothertogdom Luxemburg verenigd zijn in en vertegenwoordigd worden door de Benelux Economische Unie, elke handeling met betrekking tot het beheer van de aan genoemde Economische Unie toegewezen quota kan worden verricht door een van haar leden,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Van de datum van inwerkingtreding van deze verordening tot en met 31 januari 1987 wordt het recht van het gemeenschappelijk douanetarief voor heek (Merluccius spp. met uitzondering van de soort Merluccius bilinearis), bevroren, in gehele staat, ook indien ontdaan van kop of in moten gesneden, van post ex 03.01 B I t) 2 van het gemeenschappelijk douanetarief geschorst tot 5 % binnen de grenzen van een communautair tariefcontingent van 3 000 ton.
2. Binnen de grenzen van dit contingent passen het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek rechten toe die berekend worden overeenkomstig de bepalingen ter zake in de Toetredingsakte van 1985.
3. De invoer van de bedoelde produkten kan slechts in aanmerking komen voor het contingent bedoeld in lid 1, indien de prijs franco grens vastgesteld door de Lid-Staten overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EEG) nr. 3796/81 (1) op zijn minst gelijk is aan de door de Gemeenschap vastgestelde of vast te stellen referentieprijs voor de betrokken produkten of categorieën produkten,
4. Indien een importeur melding maakt van op handen zijnde invoer van het betrokken produkt en indien hij verzoekt om voor het contingent in aanmerking te komen, gaat de betrokken Lid-Staat, door middel van een kennisgeving aan de Commissie, over tot opneming van een hoeveelheid die overeenstemt met zijn behoeften, voor zover het beschikbare saldo van het contingent zulks toelaat.
5. De opnemingen krachtens lid 4 zijn geldig tot het einde van de contingentperiode.
Artikel 2
1. De Lid-Staten treffen alle dienstig maatregelen opdat de opnemingen krachtens artikel 1, lid 4, zonder onderbreking kunnen worden afgeboekt op hun gecumuleerde aandelen in het communautaire contingent.
2. Elke Lid-Staat waarborgt de importeurs van het betrokken produkt vrije toegang tot het contingent zolang het saldo van het contingent zulks toelaat.
3. De Lid-Staten boeken de ingevoerde hoeveelheden op hun opnemingen af naar gelang dat de betrokken produkten bij de douane ten invoer in het vrije verkeer worden aangegeven.
4. De uitputtingsgraad van het contingent wordt vastgesteld op grond van de ingevoerde hoeveelheden die op de in lid 3 omschreven wijze zijn afgeboekt.
Artikel 3
Op verzoek van de Commissie stellen de Lid-Staten de Commissie op de hoogte van de invoer van het betrokken produkt, die daadwerkelijk op het contingent is afgeboekt.
Artikel 4
De Lid-Staten en de Commissie werken nauw samen om te bereiken dat deze verordening wordt nagekomen.
Artikel 5
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 18 december 1986.
Voor de Raad
De Voorzitter
M. JOPLING
(1) PB nr. L 379 van 31. 12. 1981, blz. 1.
Top