31 . 12 . 86 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr . L 374 / 13
VERORDENING (EEG) Nr. 4011 / 86 VAN DE RAAD
van 16 december 1986
betreffende de opening, de verdeling en de wijze van beheer van autonome communautaire
tariefcontingenten voor ongebrande koffie , waaruit geen cafeïne is verwijderd , en cacao
bonen, ook indien gebroken , van de tariefposten 09.01 A I a ) en 18.01 van het gemeen
schappelijk douanetarief
DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN , bijzondere kenmerken van de betrokken contingenten , de
percentages van de aanvankelijke deelneming in de contin
genten als volgt kunnen worden geraamd :
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap , inzonderheid op artikel 28 ,
Gezien de ontwerp-verordening ingediend door de Com
missie ,
09.01 A I a ) 18.01
Benelux 0,83 1,72
Denemarken 0,22 0,01
Duitsland 2,23 2,48
Griekenland 0,11 0,12
Spanje 95,00 95,00
Frankrijk 0,57 0,21
Ierland 0,01 0,01
Italië 0,76 0,15
Portugal 0,05 0,01
Verenigd Koninkrijk 0,22 0,29
Overwegende dat de Gemeenschap zich heeft voorgenomen
om, in het kader van de toetredingsonderhandelingen en
met inachtneming van het traditionele handelsverkeer tus
sen Spanje en Latijns-Amerika , tijdens de eerste drie jaren
van de overgangsperiode autonome communautaire tarief
contingenten met vrijstelling van rechten te openen , ten
belope van 40 000 ton voor ongebrande koffie , waaruit
geen cafeïne is verwijderd , van tariefpost 09.01 A I a ) en
van 10 000 ton voor cacaobonen , ook indien gebroken ,
van tariefpost 18.01 van het gemeenschappelijk douane
tarief; dat het dus dienstig is deze contingenten te openen
voor het tweede toepassingsjaar en te weten voor de
periode van 1 januari tot 31 december 1987 ;
Overwegende dat met name dient te worden gewaarborgd
dat alle importeurs in gelijke mate en te allen tijde gebruik
kunnen maken van genoemde contingenten en dat de aan
de contingenten verbonden rechten zonder onderbreking op
alle invoer worden toegepast totdat deze contingenten
geheel zijn benut ; dat , gezien bovengenoemde beginselen ,
een systeem voor de benutting van de communautaire
tariefcontingenten gebaseerd op een verdeling over de
Lid-Staten , in overeenstemming lijkt te zijn met het com
munautaire karakter van genoemde contingenten ; dat deze
verdeling, om de werkelijke ontwikkeling op de markt van
de betrokken produkten zo goed mogelijk weer te geven ,
zou moeten worden toegepast naar verhouding van de
behoeften , berekend enerzijds op grond van de statistische
gegevens betreffende de invoer uit derde landen gedurende
een representatieve referentieperiode en anderzijds op
grond van de economische vooruitzichten voor het betrok
ken contingentsjaar ;
Overwegende dat , ten einde rekening te houden met de
eventuele ontwikkeling van de invoer van genoemde pro
dukten , de contingenten in twee gedeelten moeten worden
gesplitst , waarbij het eerste gedeelte over de Lid-Staten
wordt verdeeld en het tweede gedeelte reserves vormt om
de latere behoeften te dekken van de Lid-Staten die hun
aanvankelijk quotum hebben opgebruikt ; dat , ten einde de
importeurs een zekere waarborg te bieden , het eerste
gedeelte van de communautaire tariefcontingenten moet
worden vastgesteld op een hoog niveau , dat in het onderha
vige geval ongeveer 99 % van de contingenten zou kunnen
bedragen ;
Overwegende dat de aanvankelijke quota meer of minder
spoedig kunnen zijn uitgeput ; dat het , ten einde hiermee
rekening te houden en elke onderbreking te vermijden ,
dienstig is dat iedere Lid-Staat die zijn aanvankelijk quo
tum nagenoeg geheel heeft benut , een extra quotum uit de
reserve opneemt ; dat deze opneming door iedere Lid-Staat
moet worden verricht wanneer elk van zijn extra quota
bijna geheel is benut en wel zo vaak als de reserve dat
toelaat ; dat de aanvankelijke en de extra quota geldig
moeten zijn tot aan het einde van de contingentsperiode ;
dat deze wijze van beheer een nauwe samenwerking vereist
tussen de Lid-Staten en de Commissie , die met name de
benuttingsgraad van de contingenten moet kunnen volgen
en de Lid-Staten hierover moet kunnen inlichten ;
Overwegende dat het , indien in een Lid-Staat op een
bepaald tijdstip van de contingentsperiode een belangrijk
overschot bestaat , noodzakelijk is dat die Staat daarvan een
aanzienlijk percentage terugstort in de reserve , ten einde te
vermijden dat een gedeelte van de communautaire contin
Overwegende evenwel dat het voor de betreffende produk
ten niet mogelijk is geweest voor alle Lid-Staten volledige
en nauwkeurige statistische gegevens te verzamelen betref
fende de invoer afkomstig uit derde landen , die geen
gelijkwaardige tariefpreferentie genieten ; dat , op basis van
de beschikbare gegevens en rekening houdend met de
Nr . L 374 / 14 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 31 . 12 . 86
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :genten in een Lid-Staat onbenut blijft , terwijl andere
Lid-Staten er gebruik van zouden kunnen maken ;
Overwegende dat , aangezien het Koninkrijk België , het
Koninkrijk der Nederlanden en het Groothertogdom
Luxemburg verenigd zijn in en vertegenwoordigd worden
door de Benelux Economische Unie , elke handeling met
betrekking tot het beheer van de aan de genoemde Econo
mische Unie toegewezen quota kan worden verricht door
één van haar leden ,
Artikel 1
1 . Van 1 januari tot en met 31 december 1987 worden de
rechten van het gemeenschappelijk douanetarief voor de
hierna omschreven produkten geschorst tot het niveau van
en binnen de grenzen van de naast die produkten vermelde
communautaire tariefcontingenten :
Volgnummer
Nr. van het
gemeenschappelijk
douanetarief
Omschrijving
Omvang van het
contingent
( in ton )
Contingent
recht
( in % )
09.1933 09.01 A I a ) Ongebrande koffie , waaruit geen cafeïne is verwijderd 40 000 0
09.1935 18.01 Cacaobonen , ook indien gebroken 10 000 0
2 . Invoer van bedoeld produkt waarvoor reeds vrijstelling
van rechten geldt krachtens een andere preferentiële tarief
regeling, kan niet op deze tariefcontingenten worden afge
boekt .
aanvankelijk quotum , eventueel op de volgende eenheid
naar boven afgerond .
2 . Indien , na uitputting van één van zijn aanvankelijke
quota , ook het tweede door een Lid-Staat opgenomen
quotum voor 90 % of meer is benut , gaat deze Lid-Staat
onder de in lid 1 genoemde voorwaarden onverwijld over
tot opneming van een derde quotum , gelijk aan 5 % van
zijn aanvankelijk quotum , eventueel op de volgende een
heid naar boven afgerond .
Artikel 2
1 . De in artikel 1 genoemde communautaire tariefcontin
genten worden in twee gedeelten gesplitst .
2 . Een eerste gedeelte van respectievelijk 39 500 en
9 900 ton wordt over de Lid-Staten verdeeld ; de quota die ,
behoudens artikel 5 , van 1 januari tot en met 31 december
1987 gelden , hebben de onderstaande omvang ( in ton ):
3 . Indien , na uitputting van één van zijn tweede quota ,
ook het derde door een Lid-Staat opgenomen quotum voor
90 % of meer is benut , gaat deze Lid-Staat onder de in lid 1
genoemde voorwaarden over tot opneming van een vierde
quotum, dat gelijk is aan het derde .
Deze handelwijze wordt toegepast todat elk der reserves is
uitgeput .
4 . In afwijking van de leden 1 , 2 en 3 kan elke Lid-Staat
overgaan tot opneming van kleinere quota dan in die leden
is bepaald , indien er redenen zijn om aan te nemen dat deze
wellicht niet zullen worden uitgeput . Hij deelt aan de
Commissie de redenen mede die tot toepassing van dit lid
hebben geleid .
09.01 A I a ) 18.01
Benelux 326 170
Denemarken 88 1
Duitsland 880 245
Griekenland 43 12
Spanje 37 525 9 405
Frankrijk 226 21
Ierland 1 1
Italië 301 15
Portugal 22 1
Verenigd Koninkrijk 88 29
3 . Het tweede gedeelte van respectievelijk 500 en 100 ton
vormt de overeenkomstige reserve .
Artikel 4
De overeenkomstig artikel 3 opgenomen extra quota gelden
tot en met 31 december 1987 .
Artikel 3
1 . Indien één van de aanvankelijke aan een Lid-Staat
toegekende quota — zoals dit in artikel 2 , lid 2 , is
vastgesteld — dan wel datzelfde quotum verminderd met
het bij toepassing van artikel 5 in de reserve teruggestorte
gedeelte , voor 90 % of meer is benut , gaat deze Lid-Staat
door middel van een kennisgeving aan de Commissie
onverwijld over tot opneming , voor zover de reserve zulks
toelaat , van een tweede quotum , gelijk aan 10 % van zijn
Artikel 5
De Lid-Staten storten uiterlijk op 1 oktober 1987 van het
niet-benutte gedeelte van elk van hun aanvankelijke quota
dat deel in de reserve terug dat op 15 september 1987 20 %
van het aanvankelijk quotum te boven gaat . Zij kunnen een
grotere hoeveelheid terugstorten , indien er redenen zijn om
aan te nemen dat deze wellicht niet zal worden benut .
31 . 12 . 86 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr . L 374 / 15
2 . De Lid-Staten waarborgen de importeurs van de pro
dukten vrije toegang tot de hun toegekende quota .
3 . De Lid-Staten boeken de ingevoerde hoeveelheden af
op hun quota naar gelang de betrokken produkten bij de
douane ten invoer in het vrije verkeer worden aange
geven .
4 . De benuttingsgraad van de quota van de Lid-Staten
wordt vastgesteld op grond van de ingevoerde hoeveelhe
den , die onder de in lid 3 bepaalde voorwaarden worden
afgeboekt .
Elke Lid-Staat doet de Commissie uiterlijk op 1 oktober
1987 mededeling van de totale invoer van de betrokken
produkten die tot en met 15 september 1987 heeft plaats
gevonden en op de communautaire contingenten is afge
boekt , alsmede eventueel van het gedeelte van zijn aanvan
kelijke quota dat hij in de reserve terugstort .
Artikel 6
De Commissie boekt de hoeveelheden van de door de
Lid-Staten overeenkomstig de artikelen 2 en 3 geopende
quota en brengt elke Lid-Staat , zodra de opgaven haar
bereiken , op de hoogte van de uitputtingsgraad van de
reserve .
Zij stelt de Lid-Staten uiterlijk op 5 oktober 1987 in kennis
van de omvang van de reserves na de overeenkomstig
artikel 5 verrichte terugstortingen .
Zij draagt er zorg voor dat de opneming uit één van de
reserves tot de nog beschikbare hoeveelheid beperkt blijft
en deelt daartoe aan de Lid-Staat die deze laatste opneming
verricht mede hoeveel dit saldo bedraagt .
Artikel 7
1 . De Lid-Staten nemen alle dienstige maatregelen opdat
bij opening van de met toepassing van artikel 3 door hen
opgenomen extra quota , de door hen ingevoerde hoeveel
heden zonder onderbreking kunnen worden afgeboekt op
hun gecumuleerd aandeel in het communautaire contin
gent .
Artikel 8
De Lid-Staten stellen de Commissie op haar verzoek op de
hoogte van de invoer die daadwerkelijk op hun quota is
afgeboekt .
Artikel 9
De Lid-Staten en de Commissie werken nauw samen om te
bereiken dat deze verordening wordt nagekomen .
Artikel 10
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1987 .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke
Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 16 december 1986 .
Voor de Raad
De Voorzitter
G. HOWE
Full & Egal Universal Law Academy