Nr. L 380 /24 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 31 . 12 . 86
VERORDENING (EEG) Nr. 4117 / 86 VAN DE RAAD
van 22 december 1986
betreffende de opening en de wijze van beheer van een preferentieel communautair
maximum voor bepaalde in Turkije geraffineerde aardolieprodukten en de instelling van een
communautair toezicht op de invoer van deze produkten ( 1987)
matig op de hoogte wordt gehouden van de ontwikkeling
van de invoer van genoemde in Turkije geraffineerde
produkten ; dat invoer van deze produkten dientengevolge
aan een toezichtregeling dient te worden onderworpen ;
Overwegende dat dit doel kan worden bereikt via een wijze
van beheer waarbij op het niveau van de Gemeenschap de
invoer van de betrokken produkten op het maximum
wordt afgeboekt naar gelang die produkten bij de douane
ten invoer in het vrije verkeer worden aangegeven ; dat deze
wijze van beheer in de mogelijkheid dient te voorzien de
rechten van het gemeenschappelijk douanetarief opnieuw in
te stellen zodra het maximum op het niveau van de
Gemeenschap is bereikt ;
Overwegende dat voor deze wijze van beheer een nauwe en
bijzonder vlotte samenwerking is vereist tussen de Lid-Sta
ten en de Commissie , die met name moet kunnen volgen
welke hoeveelheden op het maximum worden afgeboekt en
de Lid-Staten hiervan in kennis moet kunnen stellen ; dat
deze samenwerking des te nauwer moet zijn omdat de
Commissie de passende maatregelen moet kunnen treffen
om de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief
opnieuw in te stellen wanneer het maximum is bereikt ,
DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap , inzonderheid op artikel 113 ,
Gezien het voorstel van de Commissie ,
Overwegende dat in artikel 7 van het op 30 juni 1973 te
Ankara ondertekende Complementair Protocol bij de Asso
ciatieovereenkomst tussen de Europese Economische
Gemeenschap en Turkije in verband met de toetreding van
nieuwe Lid-Staten tot de Gemeenschap (*) en dat in wer
king is getreden op 1 maart 1986 ( 2 ) is voorzien in volledige
schorsing van de rechten voor bepaalde in Turkije geraffi
neerde aardolieprodukten van hoofdstuk 27 van het
gemeenschappelijk douanetarief, binnen de grenzen van een
communautair tariefcontingent van in totaal 340 000 ton
per jaar ; dat voor de betrokken produkten voorlopig een
aanpassing van de overeengekomen tariefvoordelen tot
stand moet worden gebracht , die voornamelijk bestaat in
de vervanging van het communautair tariefcontingent door
een communautair maximum waarvan de omvang na suc
cessieve verhogingen is gebracht op 705 000 ton , waarbo
ven de ten opzichte van derde landen geldende invoerrech
ten opnieuw kunnen worden ingesteld ;
Overwegende dat de Raad , overeenkomstig artikel 119 van
de Akte van Toetreding van Griekenland , Verordening
(EEG) nr . 3555 / 80 van 16 december 1980 houdende
vaststelling van de regeling van toepassing op de invoer in
Griekenland van oorsprong uit Algerije , Israël , Malta ,
Marokko , Portugal , Syrië , Tunesië en Turkije ( 3 ) heeft
vastgesteld ; dat , bij ontstentenis van een protocol als
bedoeld in de artikelen 179 en 366 van de Akte van
Toetreding van Spanje en Portugal , de Gemeenschap de in
de artikelen 180 en 367 van die Akte bedoelde maatregelen
moet treffen ; dat de onderhavige verordening derhalve van
toepassing is op de Gemeenschap van de Negen ;
Overwegende dat de toepassing van de regeling inzake
maxima het noodzakelijk maakt dat de Gemeenschap regel
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1 . Van 1 januari tot en met 31 december 1987 worden ,
behoudens het bepaalde in artikel 2 , binnen de grenzen van
een communautair maximum van 705 000 ton , de rechten
van het gemeenschappelijk douanetarief in de Gemeen
schap van de Negen volledig geschorst voor bepaalde in
Turkije geraffineerde aardolieprodukten .
2 . Lid 1 is van toepassing op de hierna genoemde aard
olieprodukten :
0 ) PB nr . L 361 van 31 . 12 . 1977 , blz . 2 .
( 2 ) PB nr . L 48 van 26 . 2 . 1986 , blz . 36 .
( 3 ) PB nr . L 382 van 31 . 12 . 1980 , blz . 1 .
Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr . L 380 / 2531 . 12 . 86
Volgnummer
Nr. van het
gemeen
schappelijk
douanetarief
Omschrijving
13.0010 27.10 Aardoliën en oliën uit bitumineuze mineralen , andere dan ruwe ; preparaten , welke 70 of meer gewichtsper
centen aardoliën of oliën uit bitumineuze mineralen bevatten en waarvan deze oliën het hoofdbestanddeel
zijn , elders genoemd noch elders onder begrepen :
A. lichte oliën :
III . bestemd voor ander gebruik
B. halfzware oliën :
III . bestemd voor ander gebruik
C. zware oliën :
|| I. Gasolie :
c ) bestemd voor ander gebruik
I II . Stookolie :
c ) bestemd voor ander gebruik
III . Smeerolie en andere oliën :
c ) bestemd om te worden ge- of vermengd als omschreven in de Aanvullende Aantekening 7 op
Hoofdstuk 27 ( a )
d ) bestemd voor ander gebruik
27.11 Aardgas en andere gasvormige koolwaterstoffen :
| B. andere :
I I. Propaan en butaan , in handelskwaliteit :
c ) bestemd voor ander gebruik
27.12 Vaseline :
A. ruwe :
III . bestemd voor ander gebruik
B. andere
27.13 Paraffine , was uit aardoliën of uit oliën uit bitumineuze mineralen , ozokeriet , montaanwas , turfwas ,
paraffineachtige residuen („slack wax", enz .), ook indien gekleurd :
B. andere :
I. ruwe :
c ) bestemd voor ander gebruik
II . overige
27.14 Petroleumbitumen , petroleumcokes en andere residuen van aardoliën of van oliën uit bitumineuze
mineralen :
C. andere
( a ) Indeling onder deze onderverdeling is onderworpen aan de voorwaarden en bepalingen , vast te stellen door de bevoegde autoriteiten .
3 . De invoer van de in lid 1 bedoelde aardolieprodukten is
aan een communautair toezicht onderworpen .
4 . De afboekingen op het maximum geschieden naar
gelang de produkten bij de douane ten invoer in het vrije
verkeer worden aangegeven .
5 . De mate waarin van het maximum gebruik is gemaakt
wordt op het niveau van de Gemeenschap vastgesteld aan
de hand van de invoer welke onder de in lid 4 bepaalde
voorwaarden wordt afgeboekt .
6 . De Lid-Staten stellen de Commissie in kennis van de op
de in dit artikel bedoelde wijze verrichte invoer , met
de frequentie en binnen de termijnen die vermeld zijn in
artikel 3 .
Artikel 2
Zodra het in artikel 1 , lid 1 , vermelde maximum op het
niveau van de Gemeenschap is bereikt , kan de Commissie
bij verordening de heffing van de rechten van het gemeen
Nr. L 380 / 26 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 31 . 12 . 86
schappelijk douanetarief tot aan het einde van het kalen
derjaar opnieuw instellen .
Artikel 3
De Lid-Staten dienen uiterlijk de vijftiende dag van iedere
maand aan de Commissie het overzicht van de afboekingen
die in de loop van de voorafgaande maand zijn verricht
over te leggen . Op verzoek van de Commissie wordt het
overzicht van de afboekingen om de tien dagen overgelegd ,
waarbij dit overzicht binnen vijf volle dagen na afloop van
iedere periode van tien dagen moet worden doorgezon
den .
Artikel 4
De Commissie neemt , in nauwe samenwerking met de
Lid-Staten , alle maatregelen die nodig zijn om de toepas
sing van deze verordening te waarborgen .
Artikel 5
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1987 .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk en elke
Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 22 december 1986 .
Voor de Raad
De Voorzitter
G. SHAW
Full & Egal Universal Law Academy