Avis juridique important
Verordening (EEG) nr. 3308/84 van de Commissie van 23 november 1984 betreffende het beëindigen van de visserij op koolvis door vissersvaartuigen van de Gemeenschap
Publicatieblad Nr. L 308 van 27/11/1984 blz. 0030 - 0030
*****
VERORDENING (EEG) Nr. 3308/84 VAN DE COMMISSIE
van 23 november 1984
betreffende het beëindigen van de visserij op koolvis door vissersvaartuigen van de Gemeenschap
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 2057/82 van de Raad van 29 juni 1982 houdende vaststelling van bepaalde maatregelen voor controle op de activiteiten van vissersvaartuigen uit de Lid-Staten (1), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1729/83 (2), inzonderheid op artikel 10, lid 3,
Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 320/84 van de Raad van 31 januari 1984 inzake de vaststelling van de voor 1984 geldende voorlopige totaal toegestane vangsten voor bepaalde visbestanden of groepen van visbestanden in de visserijzone van de Gemeenschap en het voor de Gemeenschap voorlopig beschikbare gedeelte van deze vangsten, de verdeling van dit gedeelte over de Lid-Staten en de bij de visserij in het kader van de totaal toegestane vangsten in acht te nemen voorschriften (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3175/84 (4), het gedeelte van de TAC voor koolvis in de wateren van de ICES-gebieden II a (EG-zone), III a, III b, c, d (EG-zone) en IV, dat voor 1984 beschikbaar is voor de Gemeenschap, vastlegt in overeenstemming met de verplichtingen van de Gemeenschap volgens het Visserijakkoord tussen de Europese Economische Gemeenschap en het Koninkrijk Noorwegen (5);
Overwegende dat het, om de naleving te waarborgen van de bepalingen inzake de kwantitatieve beperking van de vangsten uit bepaalde bestanden, waarvoor een TAC is vastgesteld, en van de verplichtingen van de Gemeenschap voortvloeiende uit vermeld akkoord met het Koninkrijk Noorwegen, noodzakelijk is dat de Commissie de datum vastlegt waarop het gedeelte van de TAC beschikbaar voor de Gemeenschap geacht wordt volledig te zijn gebruikt ten gevolge van de vangsten verricht door de vaartuigen die de vlag voeren van een Lid-Staat, met inbegrip van de vangsten in de Noorse wateren;
Overwegende dat, volgens de gegevens medegedeeld aan de Commissie, de vangsten van dat bestand door vaartuigen van de Gemeenschap het gedeelte van de TAC beschikbaar voor de Gemeenschap voor 1984 hebben bereikt,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD:
Artikel 1
Door de vangsten van koolvis in de wateren van de ICES-gebieden II a (EG-zone), III a, III b, c, d (EG-zone) en IV, door vaartuigen die de vlag voeren van een Lid-Staat of die in een Lid-Staat zijn geregistreerd, wordt het gedeelte van de TAC beschikbaar voor de Gemeenschap voor 1984 geacht volledig te zijn gebruikt.
De visserij op koolvis in de wateren van de ICES-gebieden II a (EG-zone), III a, III b, c, d (EG-zone) en IV, door vaartuigen die de vlag voeren van een Lid-Staat of die in een Lid-Staat zijn geregistreerd, is verboden alsmede het aan boord houden, de overlading en het lossen van koolvis welke door vermelde vaartuigen is gevangen in deze wateren na de datum van inwerkingtreding van deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 28 november 1984.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 23 november 1984.
Voor de Commissie
Giorgios CONTOGEORGIS
Lid van de Commissie
(1) PB nr. L 220 van 29. 7. 1982, blz. 1.
(2) PB nr. L 169 van 28. 6. 1983, blz. 14.
(3) PB nr. L 37 van 8. 2. 1984, blz. 1.
(4) PB nr. L 298 van 16. 11. 1984, blz. 1.
(5) PB nr. L 226 van 29. 8. 1980, blz. 14.
Top