Nr. L 313/18 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 1 . 12. 84
VERORDENING (EEG) Nr. 3357/84 VAN DE COMMISSIE
van 30 november 1984
tot vaststelling van de invoerheffingen voor stroop en bepaalde andere produkten
van de suikersector
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 1785/81 van de Raad
van 30 juni 1981 houdende een gemeenschappelijke
ordening der markten in de sector suiker ('), laatstelijk
gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 606/82 (*), en met
name op artikel 16, lid 8 ,
Gezien het advies van het Monetair Comité,
Overwegende dat krachtens artikel 16, lid 1 , van
Verordening (EEG) nr. 1785/81 een heffing wordt
toegepast bij invoer van de in artikel 1 , lid 1 , van die
verordening genoemde produkten ;
Overwegende dat de heffing op de in artikel 1 , lid 1 ,
sub d), van Verordening (EEG) nr. 1785/81 bedoelde
produkten, in voorkomend geval forfaitair, berekend
moet worden op basis van het gehalte aan saccharose
of met inbegrip van het gehalte aan andere suikers
omgerekend in saccharose, van het betrokken produkt
op basis van de heffing op witte suiker ; dat evenwel
heffingen op ahornsuiker en ahornsuikerstroop
beperkt worden tot het bedrag dat voortvloeit uit de
toepassing van het in het kader van de GATT gecon
solideerde douanerecht ;
Overwegende dat krachtens artikel 7 van Verordening
(EEG) nr. 837/68 van de Commissie van 28 juni 1968
houdende uitvoeringsbepalingen inzake de heffing in
de suikersector (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening
(EEG) nr. 1428/78 (4), het basisbedrag van de heffing
voor 100 kilogram van het produkt moet worden vast
gesteld per percent saccharosegehalte ;
Overwegende dat het basisbedrag van de heffing gelijk
moet zijn aan één honderdste van het rekenkundig
gemiddelde van de heffing per 100 kilogram witte
suiker gedurende de eerste twintig dagen van de
maand welke voorafgaat aan de maand waarvoor het
basisbedrag van de heffing wordt vastgesteld ; dat
evenwel het rekenkundig gemiddelde van de heffingen
vervangen moet worden door de heffing op witte
suiker welke van toepassing is op de dag waarop het
basisbedrag wordt vastgesteld, wanneer deze heffing
ten minste 0,73 Ecu van dit gemiddelde afwijkt ;
Overwegende dat het basisbedrag elke maand moet
worden vastgesteld ; dat het evenwel gewijzigd moet
worden in de periode tussen de dag van vaststelling
daarvan en de eerste dag van de maand volgende op de
maand waarvoor het basisbedrag geldt, indien de
heffing op witte suiker ten minste 0,73 Ecu afwijkt van
het hierboven bedoelde rekenkundig gemiddelde of
van de heffing op witte suiker op grond waarvan het
basisbedrag werd berekend ; dat in dat geval het basis
bedrag gelijk moet zijn aan één honderdste van de
heffing op witte suiker waarvan voor de wijziging werd
uitgegaan ;
Overwegende dat het aldus berekende basisbedrag
moet worden aangepast aan de hand van de wijzi
gingen van de drempelprijs voor witte suiker tussen de
maand van de vaststelling van het basisbedrag en de
periode waarvoor dat bedrag geldt ; dat het bedrag van
deze aanpassing, gelijk aan één honderdste van het
verschil tussen deze beide drempelprijzen, moet
worden afgetrokken van of toegevoegd aan het basisbe
drag overeenkomstig de bepalingen van artikel 7, lid 6,
van Verordening (EEG) nr. 837/68 ;
Overwegende dat de heffing op de in artikel 1 , lid 1 ,
sub f) en g), van Verordening (EEG) nr. 1785/81
bedoelde produkten luidens lid 6 van artikel 16 bestaat
uit een variabel en een vast element ; dat het vaste
element bij 100 kg droge stof gelijk is aan een tiende
van het bedrag van het vaste element dat wordt bere
kend overeenkomstig artikel 14, lid 1 , punt B, van
Verordening (EEG) nr. 2727/75 (*), voor de vaststelling
van de heffing bij invoer van produkten van post 17.02
B II van het gemeenschappelijk douanetarief en dat
het variabele element per 100 kg droge stof gelijk is
aan 100 maal het basisbedrag van de invoerheffing dat
vanaf de eerste van iedere maand geldt voor de in
genoemd artikel 1 , lid 1 , sub d), bedoelde produkten ;
dat de heffing maandelijks moet worden vastgesteld ;
Overwegende dat, ten einde de normale werking van
het stelsel van heffingen te verzekeren, het nodig is
voor de berekening van deze laatste :
— een uit de spilkoers voortvloeiende omrekenings
koers waarop de in artikel 2 ter, lid 2, van Verorde
ning (EEG) nr. 974/71 (6), laatstelijk gewijzigd bij
Verordening (EEG) nr. 855/84 Q, bedoelde coëffi
ciënt is toegepast, voor de munteenheden welke
onderling worden gehandhaafd binnen een
contante maximummarge op een bepaald moment
van 2,25 %,
(') PB nr. L 177 .van 1 . 7. 1981 , blz. 4.
(2) PB nr. L 74 van 18 . 3 . 1982, blz . 1 .
f) PB nr. L 151 van 30. 6. 1968, blz. 42.
(4) PB nr. L 171 van 28 . 6. 1978, blz. 34.
PB nr. L 281 van 1 . 11 . 1975, blz. 1 .
O PB nr. L 106 van 12. 5. 1971 , blz. 1 .
O PB nr. L 90 van 1 . 4. 1984, blz. 1 .
1 . 12. 84 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr. L 313/19
— een omrekeningskoers voor de andere munteen
heden gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde
van de contante wisselkoersen voor elke van deze
munteenheden, gedurende een bepaald tijdvak ten
opzichte van de munteenheden van de Gemeen
schap bedoeld in het vorige streepje, en bovenge
noemde coëfficiënt,
aan te houden ;
Overwegende dat uit de toepassing van deze bepa
lingen voortvloeit dat de invoerheffingen voor de
betrokken produkten moeten worden vastgesteld over
eenkomstig de bijlage bij deze verordening,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD :
Artikel 1
De in artikel 1 , lid 1 , sub d), f) en g), van Verordening
(EEG) nr. 1785/81 bedoelde invoerheffingen worden
vastgesteld in de bijlage.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 1 december
1984.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk
in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 30 november 1984.
Voor de Commissie
Poul DALSAGER
Lid van de Commissie
BIJLAGE
bij de verordening van de Commissie van 30 november 1984 tot vaststelling van
de invoerheffingen voor stroop en bepaalde andere produkten van , de
suikersector
(in Ecu)
Nr. van het
gemeen
schappelijk
douanetarief
Omschrijving 1
Basisbedrag per
1 % gehalte aan
saccharose en per
100 kg nettogewicht
van het betrokken
produkt
Heffing
per 100 kg
droge stof
17.02 Andere suikers in vaste vorm ; suikerstroop, niet gearomatiseerd
en zonder toegevoegde kleurstoffen ; kunsthonig, ook indien met
natuurhonig vermengd ; karamel :
C. Ahornsuiker en ahornsuikerstroop v 0,4419 —
D. andere suikers en stropen (met uitzondering van lactose
(melksuiker), glucose en maltodextrine) :
I. Isoglucose
ex II. overige 0,4419
53,86
E. Kunsthonig, ook indien met natuurhonig vermengd 0,4419 —
F. I. Karamel bevattende, in droge toestand, 50 of meer
gewichtspercenten saccharose 0,4419 —
21.07 Produkten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch
elders onder begrepen :
F. Suikerstroop, gearomatiseerd of met toegevoegde kleurstoffen :
III . van isoglucose
IV. andere 0,4419
53,86
Full & Egal Universal Law Academy