5 . 12 . 84 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr. L 315/ 1
I
(Besluiten waarvan de publikatie voorwaarde is voor de toepassing)
VERORDENING (EEG) Nr. 3403/84 VAN DE COMMISSIE
van 4 december 1984
tot vaststelling van de invoerheffingen voor granen en meel , gries en griesmeel
van tarwe of van rogge
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 2727/75 van de Raad
van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappe
lijke ordening der markten in de sector granen ('), laat
stelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1018 /84 (2),
inzonderheid op artikel 13 , lid 5 ,
Gelet op Verordening nr. 129 van de Raad inzake de
waarde van de rekeneenheid en de wisselkoersen die
in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbe
leid moeten worden toegepast ( 3), laatstelijk gewijzigd
bij Verordening (EEG) nr. 2543/73 (4), inzonderheid op
artikel 3 ,
Gelet op het advies van het Monetair Comité,
Overwegende dat de heffingen die van toepassing zijn
bij invoer van granen , meel van tarwe en rogge , gries
en griesmeel van tarwe, werden vastgesteld bij Veror
dening (EEG) nr. 3131 /84 Q en de verordeningen die
deze nadien hebben gewijzigd ;
Overwegende dat, ten einde de normale werking van
het stelsel van heffingen te verzekeren , het nodig is
voor de berekening van deze laatste :
— een uit de spilkoers voortvloeiende omrekenings
koers waarop de in artikel 2 ter, lid 2, van Verorde
ning (EEG) nr. 974/71 (6), laatstelijk gewijzigd bij
Verordening (EEG) nr. 855/84 ,Q, bedoelde coëffi
ciënt is toegepast, voor de munteenheden welke
onderling worden gehandhaafd binnen een
contante maximummarge op een bepaald moment
van 2,25 % ,
— een omrekeningskoers voor de andere munteen
heden gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde
van de contante wisselkoersen voor elke van deze
munteenheden, geconstateerd gedurende een
bepaalde periode ten opzichte van de munteen
heden van de Gemeenschap bedoeld in het vorige
streepje, en bovengenoemde coëfficiënt,
aan te houden ; deze wisselkoersen zijn de op 3
december 1984 vastgestelde koersen ;
Overwegende dat de toepassing van de in Verordening
(EEG) nr. 3131 /84 neergelegde regelen op de aanbod
prijzen en noteringen van heden die de Commissie
bekend zijn , leidt tot het wijzigen van de thans
geldende heffingen overeenkomstig de bijlage van
deze verordening,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD :
Artikel 1
De bij de invoer van de in artikel 1 , sub a), b) en c),
van Verordening (EEG) nr. 2727/75 genoemde
produkten te innen heffingen worden vastgesteld in de
bijlage.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 5 december
1984.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk
in elke Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 4 december 1984.
Voor de Commissie
Poul DALSAGER
Lid van de Commissie
(') PB nr. L 281 van 1 . II . 1975, blz . 1 .
( 2) PB nr. L 107 van 19 . 4 . 1984, blz . 1 .
(3) PB nr. 106 van 30 . 10 . 1962, blz . 2553/62 .
(4) PB nr. L 263 van 19 . 9 . 1973 , blz . 1 .
O PB nr. L 293 van 10 . 11 . 1984, blz . 1 .
( 6) PB nr. L 106 van 12 . 5 . 1971 , blz . 1 .
O PB nr. L 90 van 1 . 4 . 1984, blz . 1 .
Nr. L 315/2 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 5 . 12. 84
BIJLAGE
bij de verordening van de Commissie van 4 december 1984 tot vaststelling van de invoer
heffingen voor granen en meel , gries en griesmeel van tarwe of Van rogge
(Ecu/ton)
Nr. van het
gemeen
schappelijk
douanetarief
Omschrijving Heffingen
10.01 B I Zachte tarwe en mengkoren 58,03
10.01 B II Harde tarwe („durum") 1 02,40 OO
10.02 Rogge 64,86 (6)
10.03 Gerst 68,17
10.04 Haver 51,32
10.05 B Maïs, andere dan maïshybriden voor
zaaidoeleinden 65,12 (2) (3 )
10.07 A Boekweit 0
10.07 B Pluimgierst, tros- of vogelgierst
(millet) o 0
10.07 C Sorgho 76,77 0
10.07 D I Triticale 0
10.07 D II Andere granen 0 0
11.01 A Meel van tarwe of van mengkoren 95,37
11.01 B Meel van rogge 104,94
1 1 .02 A I a) Gries en griesmeel van harde tarwe
(„durum") 172,14
1 1 .02 A I b) Gries en griesmeel van zachte tarwe 101,75
(') Voor harde tarwe („durum") van oorsprong uit Marokko, welke recht
streeks van dat land naar de Gemeenschap wordt vervoerd, wordt de
heffing met 0,60 Ecu per ton verminderd.
(2) Overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 435/80, worden de heffingen
niet toegepast op produkten van oorsprong uit de Staten in Afrika,
het Caribische gebied en de Stille Oceaan of uit de landen en
gebieden overzee, die in de Franse overzeese departementen worden
ingevoerd.
(3) Voor maïs van oorsprong uit de ACSO of de LGO wordt de heffing
bij invoer in de Gemeenschap met 1,81 Ecu per ton verminderd .
(4) Voor pluimgierst en sorgho van oorsprong uit de ACSO of de LGO
wordt de heffing bij invoer in de Gemeenschap met 50 % vermin
derd .
(*) Voor harde tarwe („durum") en kanariezaad geproduceerd in Turkije ,
die rechtstreeks van dat land naar de Gemeenschap worden vervoerd,
wordt de heffing met 0,60 Ecu per ton verminderd .
(6) De te innen heffing bij invoer van rogge, verkregen in Turkije en
rechtstreeks van dat land naar de Gemeenschap vervoerd , is vastge
steld door de Verordeningen (EEG) nr. 1180/77 van de Raad en
(EEG) nr . 2622/71 van de Commissie .
Q Bij invoer van het produkt van post 10.07 D I (triticale) wordt de voor
rogge geldende heffing toegepast .
Full & Egal Universal Law Academy