Avis juridique important
Verordening (EEG) nr. 3421/83 van de Raad van 14 november 1983 houdende bepaalde uitvoeringsvoorschriften van de Handelsovereenkomst tussen de Gemeenschap en China
Publicatieblad Nr. L 346 van 08/12/1983 blz. 0091 - 0092
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 11 Deel 11 blz. 0025
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 11 Deel 19 blz. 0093
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 11 Deel 11 blz. 0025
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 11 Deel 19 blz. 0093
++++
VERORDENING ( EEG ) Nr . 3421/83 VAN DE RAAD
van 14 november 1983
houdende bepaalde uitvoeringsvoorschriften van de Handelsovereenkomst tussen de Gemeenschap en China
DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , inzonderheid op artikel 113 ,
Gezien het voorstel van de Commissie ,
Overwegende dat op 3 april 1978 een handelsovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Volksrepubliek China , hierna genoemd de " Overeenkomst " , werd ondertekend ;
Overwegende dat bepaalde voorschriften dienen te worden vastgesteld voor de tenuitvoerlegging van de vrijwaringsclausule bedoeld in artikel 5 , zulks in afwijking van Verordening ( EEG ) nr . 1766/82 van de Raad van 30 juni 1982 inzake de gemeenschappelijke regeling voor de invoer uit de Volksrepubliek China ( 1 ) en van Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 van de Raad van 14 november 1983 betreffende de invoerregelingen voor de produkten van oorsprong uit landen met staatshandel die op communautair niveau niet zijn geliberaliseerd ( 2 ) ,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :
Artikel 1
Onder voorbehoud van de andere bepalingen van deze verordening wordt de invoer in de Gemeenschap uit China onderworpen :
- aan Verordening ( EEG ) nr . 1766/82 , voor de produkten die onder die verordening vallen , te weten de op het niveau van de Gemeenschap geliberaliseerde produkten ,
en
- aan Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 voor de andere produkten .
Artikel 2
1 . In de gevallen waarin toepassing door de Gemeenschap van vrijwaringsmaatregelen als bedoeld in artikel 5 van de Overeenkomst gerechtvaardigd is voor produkten die onder Verordening ( EEG ) nr . 1766/82 vallen , worden , behoudens het bepaalde in lid 2 , deze maatregelen , overeenkomstig de procedures van die verordening , met name van artikel 12 daarvan , getroffen na afronding van het in artikel 5 van de Overeenkomst bedoelde overleg met China .
2 . Wanneer aan de in artikel 5 , lid 2 , van de Overeenkomst genoemde voorwaarden is voldaan , worden de vrijwaringsmaatregelen , naar gelang van het geval , getroffen door de Commissie overeenkomstig de procedure van artikel 11 van Verordening ( EEG ) nr . 1766/82 of door een Lid-Staat overeenkomstig de procedure van artikel 13 van die verordening .
3 . Ten aanzien van de onder de Overeenkomst vallende produkten waarvoor Verordening ( EEG ) nr . 1766/82 geldt , wordt het in artikel 4 van die verordening genoemde overleg gehouden in een gezamenlijke zitting van het in artikel 5 van diezelfde verordening genoemde comité en het bij artikel 12 van Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 ingestelde comité .
Artikel 3
1 . In de gevallen waarin toepassing door de Gemeenschap van vrijwaringsmaatregelen als bedoeld in artikel 5 van de Overeenkomst gerechtvaardigd is voor produkten die onder Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 vallen , worden deze maatregelen , overeenkomstig de procedures van die verordening , met name van de artikelen 7 , 8 en 9 daarvan , naar gelang van het geval , door de Raad of de Commissie , behoudens lid 2 , getroffen na afronding van het in artikel 5 van de Overeenkomst bedoelde overleg met China .
2 . Wanneer aan de in artikel 5 , lid 2 , van de Overeenkomst genoemde voorwaarden is voldaan , worden de vrijwaringsmaatregelen door de Lid-Staten getroffen overeenkomstig de procedures van artikel 10 van Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 .
3 . De in artikel 9 , lid 4 , van Verordening ( EEG ) nr . 3420/83 bedoelde termijn gaat in wanneer het overleg met China is afgerond en in elk geval op de dertigste dag na de datum van indiening van het aan China gerichte verzoek om overleg .
Artikel 4
De Commissie pleegt overleg met China in de gevallen waarin de Overeenkomst zulks voorziet .
Artikel 5
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 14 november 1983 .
Voor de Raad
De Voorzitter
C . SIMITIS
( 1 ) PB nr . L 195 van 5 . 7 . 1982 , blz . 21 .
( 2 ) Zie blz . 6 van dit Publikatieblad .
Top