Nr. L 351 / 14 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 14. 12. 83
VERORDENING (EEG) Nr. 3515/83 VAN DE COMMISSIE
van 13 december 1983
inzake het houden van een openbare inschrijving voor de verkoop, voor uitvoer
naar Tunesië, van olie uit afvallen van olijven die in het bezit is van het Italiaanse
interventiebureau
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening nr. 136/66/EEG van de Raad
van 22 september 1966 houdende de totstandbrenging
van een gemeenschappelijke ordening der markten in
de sector oliën en vetten ('), laatstelijk gewijzigd bij
Verordening (EEG) nr. 1413/82 (2), en met name op
artikel 12, lid 4,
Overwegende dat in artikel 2 van Verordening (EEG)
nr. 2754/78 van de Raad (3) is bepaald dat de door de
interventiebureaus opgeslagen olijfolie bij openbare
inschrijving wordt verkocht ;
Overwegende dat het Italiaanse interventiebureau op
grond van artikel 12, lid 1 , van Verordening nr. 136/
66/EEG vanaf het verkoopseizoen 1975/ 1976 aanzien
lijke hoeveelheden olijfolie heeft gekocht ;
Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 2960/77
van de Commissie (4), laatstelijk gewijzigd bij Verorde
ning (EEG) nr. 2041 /83 (*), de voorwaarden zijn vastge
steld voor de verkoop van olijfolie bij openbare
inschrijving op de markt van de Gemeenschap en voor
uitvoer ; dat, rekening houdend met de Tunesische
marktsituatie, er thans mogelijkheden bestaan voor
uitvoer van ruwe olie uit afvallen van olijven naar dat
land ;
Overwegende dat de Gemeenschap over grote hoeveel
heden olie uit afvallen van olijven beschikt, die in het
bezit zijn van het Italiaanse interventiebureau ; dat
bepaalde van deze hoeveelheden sedert verschillende
verkoopseizoenen zijn opgeslagen ; dat bijgevolg de
betrokken olie uit afvallen van olijven moet worden
verkocht in het kader van een inschrijving, waarbij
moet worden afgeweken van de norm van artikel 1 , lid
2, van de vorengenoemde verordening, die bepaalt dat
de uitgevoerde olie geschikt moet zijn voor directe
consumptie ;
Overwegende dat de minimumverkoopprijs zodanig
wordt vastgesteld dat gegadigden uit de Gemeenschap
op gelijke voet kunnen concurreren met gegadigden
uit derde landen ; dat derhalve voor de in het kader
van deze verordening verkochte olie noch de in artikel
20 van Verordening nr. 136/66/EEG bedoelde uitvoer
restitutie noch de in artikel 11 van die verordening
bedoelde consumptiesteun moet worden verleend ;
Overwegende dat in artikel 20 van Verordening (EEG)
nr. 2730/79 van de Commissie van 29 november 1979
houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen
inzake het stelsel van restituties bij uitvoer voor land
bouwprodukten (*), laatstelijk gewijzigd bij Verordening
(EEG) nr. 519/83 0, de bewijsmiddelen om de invoer
in een derde land te bewijzen zijn omschreven ;
Overwegende dat de in deze verordening vervatte
maatregelen in overeenstemming zijn met het Comité
van beheer voor oliën en vetten,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD :
Artikel 1
Het Italiaanse interventiebureau „Azienda di Stato per
gli interventi nel mercato agricolo", hierna „AIMA" te
noemen, houdt overeenkomstig deze verordening en
Verordening (EEG) nr. 2960/77 een openbare inschrij
ving met het oog op de verkoop voor uitvoer naar
Tunesië van ongeveer 2 000 ton olie uit afvallen van
olijven . In afwijking van artikel 1 , lid 2, van Verorde
ning (EEG) nr. 2960/77 moet de bovenbedoelde olie
uit afvallen van olijven worden uitgevoerd zonder dat
zij voor menselijke consumptie geschikt werd gemaakt.
Artikel 2
Het verzoek tot inschrijving zal op 15 december 1983
worden bekendgemaakt.
De te koop aangeboden partijen olie en de plaats waar
deze zijn opgeslagen worden bekendgemaakt door
aanplakking in de zetel van het AIMA, via Palestro 81 ,
Rome, Italië .
Een afschrift van het bovenbedoelde verzoek tot
inschrijving wordt onverwijld aan de Commissie
gezonden .
Artikel 3
De offertes moeten uiterlijk 16 januari 1984 om 14.00
uur plaatselijke tijd in het bezit van het AIMA, via
Palestro 81 , Rome, Italië, zijn .
Artikel 4
1 . De offertes moeten worden gemaakt voor olie
met een zuurgehalte van 15° .(') PB nr. 172 van 30 . 9 . 1966, blz. 3025/66 .
(2) PB nr. L 162 van 12. 6 . 1982, blz . 6 .
O PB nr. L 331 van 28 . 11 . 1978 , blz . 13 .
(4) PB nr. L 348 van 30 . 12. 1977, blz . 46 .
V) PB nr. L 200 van 23 . 7 . 1983, blz . 25 .
O PB nr. L 317 van 12. 12. 1979, blz . 1 .
O PB nr. L 58 van 5 . 3 . 1983, blz. 5.
14. 12. 83 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr. L 351 / 15
2. Wanneer de toegewezen olie een ander zuurge
halte heeft dan dat waarvoor de offerte is gedaan, is de
te betalen prijs gelijk aan de geboden prijs , verminderd
of vermeerderd met 2 682 lire voor elke zuurgraad of
gedeelte van een zuurgraad boven of onder 15° .
Artikel 5
De minimumverkoopprijs voor olie uit afvallen van
olijven met een zuurgehalte van 15° wordt vastgesteld
op 50 000 lire/ 100 kg.
Artikel 6
De olie wordt door het AIMA uiterlijk op 23 januari
1984 verkocht.
Het AIMA zendt de opslaghouders de lijst van de niet
toegewezen partijen .
Artikel 7
De in artikel 7 van Verordening (EEG) nr. 2960/77
bedoelde waarborg wordt vastgesteld op 9,50 Ecu per
100 kg.
De in artikel 12, lid 3 , van Verordening (EEG) nr.
2960/77 bedoelde waarborg wordt vastgesteld op 100
Ecu per 100 kg olie uit afvallen van olijven .
Artikel 8
De in artikel 15 van Verordening (EEG) nr. 2960/77
bedoelde opslagvergoeding bedraagt 3 500 lire per 100
kg.
Artikel 9
Deze verordening treedt in werking op de dag van
haar bekendmaking in het Publikatieblad van de
Europese Gemeenschappen.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk
in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 13 december 1983 .
Voor de Commissie
Poul DALSAGER
Lid van de Commissie
Full & Egal Universal Law Academy